maandag 27 februari 2017

Statistieken en de Sustainable Development Goals (SDG’s) in 2016

PROJEKTA, met bijdragen van het ABS

Het thema van de vorige Internationale Dag van de Democratie (15 september 2016) was: “Democracy and the 2030 Agenda for Sustainable Development”. Hier is de nadruk dus gelegd op de rol van de SDG’s (letterlijk: Duurzame Ontwikkelingsdoelen) bij het beleven van de democratie. In het bijzonder Doel 16: ‘Promote just, peaceful and inclusive societies’ (het bevorderen van rechtvaardige, vredige en inclusieve samenlevingen) benadrukt inclusieve en participatieve gemeenschappen en instituten. De oud-Secretaris-Generaal van de VN, Ban Ki-Moon, zei dat de implementatie van de doelen gesteund moet worden door een sterke en actieve civil society die de belangen van gemarginaliseerde groepen meeneemt.

Uitdagingen voor het ABS
Het Algemeen Bureau voor de Statistiek (ABS) is één van de instituten die in Suriname het realiseren van de SDG’s ondersteunt, door systematisch informatie te verzamelen en rapporten uit te brengen. Tijdens de Democratiemaand 2015, georganiseerd door Projekta en het Burgerinitiatief, gaf het ABS in een presentatie aan dat er diverse obstakels zijn voor het vervullen van deze rol: de beschikbaarheid van een baseline voor het maken van schattingen en meten van progressie, en het ontbreken van een nationaal gedragen definitie van armoede en wijze van berekening van de armoedegrens.

Hoewel burgers een belangrijke bron van informatie zijn, is gebleken dat veel huishoudens en bedrijven tot nu toe bang zijn om informatie over hun inkomsten door te geven. De angst dat het ABS deze informatie doorgeeft aan de Belastingendienst is nog steeds aanwezig. De bedrijven geven wel antwoord op de meeste vragen bij onderzoeken, maar niet op vragen over hun inkomsten.

Naast informatie van burgers en bedrijven, is ook data die aanwezig zijn bij de overheid, bedrijfsleven en NGO’s van belang voor ABS. Voor een aantal van de SDG-indicatoren is het ABS afhankelijk van administratieve gegevens van verschillende ministeries en instanties. Voorbeelden van administratieve data zijn de geboortes, sterftes en huwelijken die worden geregistreerd bij Centraal Bureau voor Burgerzaken. De overheid stelt de informatie beschikbaar aan het ABS, maar vaak zijn de data niet digitaal verwerkt (alleen hard copy beschikbaar) of beschikt een ministerie of instantie niet over een data-unit die verantwoordelijk is voor het updaten van informatie. Hetzelfde geldt voor de NGO’s die bijvoorbeeld informatie (kunnen) aanleveren over vrouwen- en kindermishandeling of over projecten in het binnenland.

Naast de cijfermatige gegevens die nodig zijn voor het kunnen uitrekenen van de SDG-indicatoren, zijn de gegevens over het beleid dat uitgevoerd wordt even belangrijk. Alleen dan kan er bepaald worden of ons land een doel wel of niet heeft gehaald.

De uitdagingen aangaan
Op 1 juni 2016 installeerde de Minister van Sociale Zaken en Volkshuisvesting (SoZaVo) de ‘Nationale Commissie Vaststelling Armoedegrens’ (NCVA). In de NCVA zitten vertegenwoordigers van het ABS, het Institute For Graduate Studies and Research (IGSR) en het Planbureau. Dhr. Jerrel Renfrum (waarnemend directeur van SoZaVo) is de voorzitter. In de laatste zes maanden van 2016 is er hard gewerkt aan methodes voor het bepalen van de armoedegrens. Het ABS heeft bijgedragen aan methoden voor het bepalen van de inkomensarmoede, het IGSR heeft gekeken naar Multidimensionele Armoede, terwijl het Planbureau en SoZaVo hebben gekeken naar het beleid. Het Rapport van de Commissie moet worden afgerond en ingediend bij de Sociaal Economische Raad (SER) en het Parlement ter advies en goedkeuring.

Startpunt voor de SDG-dataverzameling zijn de gegevens van de zesde Multiple Indicator Cluster Survey (MICS), een onderzoek uitgevoerd door SoZaVo in samenwerking met het Kinderfonds van de VN (Unicef). Het MICS-onderzoek zal informatie verzamelen over onder andere onderwijs, kinderarbeid, water en sanitair, de staat van de woonomgeving en de reproductieve gezondheid van vrouwen, mannen en kinderen.
Er is helaas onvoldoende informatie beschikbaar over de nieuwe SDG-indicatoren, vooral de milieugerelateerde indicatoren. Het ABS verwacht ook niet dat de nodige onderzoeken hiervoor op kort termijn uitgevoerd zullen kunnen worden, vanwege een gebrek aan financiële middelen bij de overheid. Om dit op te vangen, heeft het ABS tijdens de laatstgehouden Milieustatistieken Workshop van 27 juli 2016 de SDG-indicators gedeeld met stakeholders die milieudata aanleveren aan het ABS voor hun Milieustatistieken publicatie.

Om de uitdaging van het verzamelen van informatie van de overheid aan te gaan, pleit het ABS voor het instellen van een zogeheten SDG-commissie om informatie te verzamelen over beleidsprogramma’s van de overheidinstanties. De commissie zou de werkwijze kunnen volgen van de MDG-commissie van 2014. Daarbinnen waren er twee focal points per ministerie, en werd informatie over beleidsprogramma’s per ministerie gedeeld en eventueel verzameld. De Commissie analyseerde ook de voor- en nadelen van bepaalde programma’s, bracht uitdagingen in kaart, en brainstormde over oplossingen. Aan de hand van dit systeem is het Nationaal MDG Rapport van 2014 samen met het  National Instituut voor Milieu en Ontwikkeling (NIMOS), het Ministerie van Buitenlandse zaken (BUZA) en het Planbureau geschreven. Het Ministerie van Buitenlandse Zaken is de verantwoordelijke instantie om deze commissie weer te installeren.

Informatie, democratie en ontwikkeling
Indien informatie niet op een adequate wijze wordt verzameld en opgeslagen, met een duidelijk doel voor ogen, glipt het als los zand door onze vingers. Als het doel is ‘goede kwaliteit onderwijs voor een ieder’, dan moet informatie worden vastgelegd over o.a. inschrijvingen, afschrijvingen, mutaties, overgangspercentages, keuze van vervolgonderwijs en de gehanteerde procedures. Ook is het belangrijk om te weten hoeveel middelen zijn ingezet. Op basis hiervan kan de overheid haar beleid aanscherpen.

Adequate informatiesystemen stellen overheid, bedrijven en burgers in staat om na te gaan als gestelde ontwikkelings- en beleidsdoelen haalbaar zijn, of middelen effectief en efficiënt zijn ingezet en of het gewenst resultaat wordt bereikt.

Goede en toegankelijke informatiesystemen vergroten ook het vertrouwen in bedrijven, NGO’s en de overheid. Door geen informatie te delen uit vrees wordt een cultuur van wantrouwen in stand gehouden. Dit verzwakt de instituten die de ontwikkelingen van het land moeten uitzetten en monitoren.

In november 2016 organiseerde Projekta in samenwerking met het Burgerinitiatief voor Participatie en Goed Bestuur (BINI) voor de 9e keer de Democratiemaand. Deze editie was gericht op het bevorderen van kritisch democratisch burgerschap, onder het motto: ‘Kritische Burgers: Rechten en Verantwoordelijkheden’.
Net als voorgaande jaren heeft Projekta openbare activiteiten georganiseerd om een breed publiek te informeren over diverse democratische onderwerpen; dit keer middels een serie mini-seminars en mini-masterclasses met als kernthema’s: mensenrechten, financieel-economisch beleid en goed bestuur.
Sinds 2009 brengt Projekta aan het slot van de Democratiemaand ook de State of our Democracy-nieuwsbrief uit. Vanwege organisatorische omstandigheden is de publicatie van de nieuwsbrief niet gerealiseerd tijdens de Democratiemaand. De inhoud van de nieuwsbrief vinden wij echter te belangrijk om niet te delen met het publiek. Daarom publiceren wij de artikelen uit de nieuwsbrief alsnog. 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen