zaterdag 21 november 2020

De journalist is geen Superman

Het is Democratiemaand! In de afgelopen jaren heeft Projekta verschillende State of our Democracy nieuwsbrieven uitgebracht. Tijdens de Democratiemaand 2020 zullen we opvallende artikelen opnieuw posten. Sommige blijken nog steeds relevant te zijn. 

Onderstaand artikel is verschenen in 2010. Wat is er volgens jou de afgelopen tien jaar veranderd? Wij praten over dit onderwerp met Cheryl Dijksteel, Ivan Cairo en Fayaz Sharman tijdens de paneldiscussie op maandag 23 november 2020. Registreer hier!

Journalisten worden door de samenleving vaker gezien als Superman, maar die zijn ze niet, zei Edward Troon, fotojournalist en ondervoorzitter van de Surinaamse Vereniging van Journalisten (SVJ) bij de Democratiemaanddiscussie over Openbaarheid van Bestuur. Een journalist komt uit de samenleving, en draagt de kenmerken van die samenleving in zich mee. Zij zullen dus fouten maken, en niet altijd alle verwachtingen kunnen voldoen. Een journalist hoort zijn vak goed uit te oefenen, zich te richten op feiten en door verschillende personen aan het woord te laten, kan het publiek een beter beeld krijgen van de werkelijkheid. Een journalist is geen macht of geweten, maar oefent het vak uit vanuit een onafhankelijke positie. 

Journalistiek is een vak, een beroep, en geen hobby. Van een journalist wordt verwacht dat deze een brede algemene ontwikkeling heeft en over vakkennis beschikt. Op basis van deze kennis moeten zij hun werk zo goed mogelijk doen, zelfs als zij barrières ondervinden in de praktijk. 

Er zijn steeds nieuwe ontwikkelingen en technieken. Daarom hebben journalisten de verantwoordelijkheid om zich te blijven scholen. Een belangrijk deel van hun taak is immers informatie te garen, te verwerken zodat deze begrijpbaar wordt voor het algemene publiek. Er worden deskundigen geïnterviewd die in vaktaal spreken. De journalist moet in staat zijn deze verteerbaar te maken voor een breed publiek. 

Het werk van journalisten in Suriname wordt extra bemoeilijkt omdat er geen wet is op openbaarheid van bestuur. De overheid is niet verplicht om in te gaan op vragen van journalisten, waardoor het moeilijker wordt om aan informatie te komen. De democratie is er gebaat bij als de overheid rekenschap geeft van zaken. Daarom is deze wet nodig om de democratie te versterken. 

Toch dienen journalisten informatie correct, als het kan met raadpleging van meerdere bronnen, te brengen. Dit is vastgelegd in de beroepscode van de SVJ, waaraan elk lid gebonden is. De beroepscode is echter geen pressiemiddel; er volgen geen sancties als een journalist zich niet aan deze code houdt. Ook mediahuizen hoeven zich niets aan te trekken van de ethische code. Bovendien hoeft een journalist geen lid van de SVJ te zijn, om het beroep uit te kunnen oefenen. Het enige dat hiervoor nodig is, is een mediahuis dat bereid is de journalist in dienst te nemen. 

Enkele van de mediahuizen in Suriname zijn echter gepolitiseerd. Het hebben van een politieke kleur hoeft echter geen belemmering te zijn voor het uitoefenen van het beroep. Het publiek moet weten waar een medium staat, waardoor de informatie op haar juiste waarde kan worden beoordeeld. 

Als media niet onafhankelijk zijn of niet uitkomen voor hun politieke kleur, wordt het publiek in feite zand in de ogen gestrooid. Hierdoor is het moeilijk om onderscheid te maken tussen feiten en meningen. Het publiek heeft grote behoefte aan informatie en participatie. Dit blijkt uit de vele opbelprogramma’s waar veel mensen naar bellen en hun mening geven over topics. Ook op Facebook wordt er op verschillende nieuwsfeiten gereageerd. Het publiek raakt steeds mondiger en zal media die gekleurd zijn ook hierop wijzen. Het is niet zo dat iedereen alles voor zoete koek aanneemt. 

Dit betekent dat er ook kwaliteitseisen worden gesteld. Media en journalisten die over de schreef gaan, lopen gevaar om door de mand te vallen. Omdat er voldoende keuze is, zorgen zij op deze manier hun eigen ondergang.

De Press Freedom Index wordt jaarlijks door Reporters without Borders samengesteld en gepubliceerd. De index is een rangschikking van landen gebaseerd op een beoordeling van de persvrijheid in het land. In de meest recente Press Freedom Index (2020) staat Suriname op plek 20.
Bron: https://rsf.org/en/ranking_table 

vrijdag 20 november 2020

Projekta staat stil bij Internationale Dag voor de Rechten van het Kind

Omdat het vandaag, 20 november, Internationale Dag voor de Rechten van het Kind is, brengen wij de het thema Kinderrechten van het tweede BINI Monitoringsrapport (2017 - augustus 2019) opnieuw onder de aandacht.


Bij het thema Kinderrechten is er over de periode januari 2017 tot en met augustus 2019 gekeken naar drie onderwerpen: geweld tegen kinderen; voorschoolse educatie; ondersteuning en begeleiding van kinderopvangtehuizen. 

In november 2017 heeft het Integraal Kinderbeschermingsnetwerk (IKBeN), onder coördinatie van het Ministerie van Sociale Zaken en Volkshuisvesting, een doorstart gemaakt. Het doel van het netwerk is om op een geïntegreerde manier te werken aan de bescherming van kinderen. Dit is geen overbodige luxe na het vernemen van de treurige conclusies uit het rapport ‘Geweld tegen kinderen in Suriname’, welke het Institute for Graduate Studies and Research (IGSR), met ondersteuning van UNICEF, in opdracht van De Nationale Assemblée (DNA) in 2017 heeft uitgevoerd. Uit het onderzoek blijkt dat 81 procent van kinderen (2-14 jaar oud) tenminste één vorm van gewelddadig psychisch of fysiek geweld heeft ondergaan.

Voorts is er een Nationaal Actieplan Kinderen 2019-2021 ontwikkeld, wat in maart 2019 is afgerond. Betrokken ministeries zijn vervolgens in augustus 2019 gestart met het vertalen van het Nationaal Actieplan Kinderen in operationele werkplannen, die zijn afgerond in oktober 2019.

Het Bureau Voorschoolse Educatie (BVE) is in mei 2017 ingesteld en heeft een coördinerende taak bij de voorschoolse educatie. Activiteiten zijn onder andere de screening van driejarigen en de monitoring en begeleiding van hen. 

De nood voor crisis kinderopvang is hoog, maar de ondersteuning vanuit de regering is onvoldoende, terwijl instanties vanuit die regering zelf een dringend beroep doen op opvangtehuizen waarvan bekend is dat zij niet aan de kwaliteitseisen voldoen (gebrek aan gekwalificeerd management en personeel, veel te hoge bezetting voor beschikbare faciliteiten). 

Klik op de tabel om het hele thematische rapport over Kinderrechten te lezen. 

Download hier het volledige rapport.

maandag 16 november 2020

Projekta lanceert een vol programma voor de Democratiemaand 2020

Het is echt Democratiemaand! Projekta organiseert een maand lang activiteiten over onze democratie, rechtsstaat en mensenrechten. 

Spannende onderwerpen via paneldiscussies en interactieve sessies. Allemaal virtueel. Onderaan dit bericht vind je de links om te registreren voor de activiteiten. Registratie van tevoren is verplicht! 

Waarom Democratiemaand?

Democratie vraagt om een voortdurend en nauwgezet werken aan de realisatie ervan. In een duurzame democratische cultuur kennen de burgers hun rechten en verantwoordelijkheden. En als niet iedereen deze kent, dan moet dit door middel van educatie en informatie worden verspreid. Daarom brengt Projekta al sinds 2008 elk jaar een maand lang dit thema onder de aandacht van alle Surinamers.

Vorig jaar waren er minder openbare activiteiten rondom de Democratiemaand dan men van Projekta gewend was. Dat maken we nu ruimschoots goed! Spannende discussies met spraakmakende mensen zoals Patricia Etnel, Ivan Cairo, Jennifer Simons, Cheryl Dijksteel, Antoon Karg en nog vele anderen die praten over decentralisatie, de Wet Openbaarheid van Bestuur, femicide, en de staat van onze rechtsstaat. Daarnaast organiseert Projekta op internationale anti-corruptiedag een leuke, leerrijke interactieve sessie met spelletjes, discussies, presentaties. 

'Spelen met democratie' gaat door

Dit bericht is op 16 november 2020 verschenen in De Ware Tijd.  

Door: Amanda Palis. 

PARAMARIBO - Projekta Suriname-directeur Sharda Ganga zegt dat ondanks dat het project 'Spelen met democratie' technisch is afgesloten het werk doorgaat. "Elke keer als wij activiteiten organiseren, zien wij de meerwaarde waarom wij door moeten gaan", maakt ze duidelijk. 

Het is de bedoeling een aangepaste versie van de toolkit aan te bieden aan De Nationale Assemblee (DNA) en het ministerie van Onderwijs en Cultuur. "We zullen ook suggesties doen hoe het bezoek van scholieren aan het parlement veel interactiever kan zodat de kinderen meer leren over het college en democratie."

Voor Ganga is het 'Spelen met democratie' twinningsproject meer dan succesvol geweest. "Dit blijkt onder andere uit de feedback, het enthousiasme van de deelnemende kinderen en ook de 26 personen die wij als begeleider hebben getraind", zegt ze. Het project begon in 2019 met als doel de democratie bij jongeren vanaf tien jaar spelenderwijs te bevorderen.

Onder meer de getrainde begeleiders en zestien deelnemende organisaties hebben geholpen bij het ontwikkelen en testen van de dertien spelletjes die zijn opgenomen in de de toolkit 'Spelen met democratie.' Het project is uitgevoerd in samenwerking met onder meer scholen en organisaties. Vrijdag was er een Zoom-presentatie en evaluatie. Eén van de spelletjes die bij alle leeftijdsgroepen populair is en een duidelijke indruk heeft gemaakt is 'Wat eten we?'

Het spelenderwijs leren hoe je democratisch tot een besluit komt en het leren respecteren van andermans mening is volgens Jill Sumter van buurtorganisatie Pontbuiten en omgeving erg belangrijk. "Het is een vrij simpele en makkelijke manier om kinderen kritisch te leren denken over hoe democratie werkt. Je merkte duidelijk dat men het niet altijd eens was met de keuzes van een groep en de kinderen hebben spelenderwijs geleerd hoe zij een mening of keus van een ander moeten leren respecteren."

Hellen Karijodrono, schoolhoofd van OS Sing Kampoe in Moengo, die heeft meegedaan met het project pleit voor opname van de toolkit in het leerprogramma op school. "Ik zie dat het mogelijk is om kinderen op jonge leeftijd basisprincipes over democratie en rechtsstaat bij te brengen op een interactieve en educatieve manier. Dit kan bijvoorbeeld in de geschiedenisles. Er wordt voortdurend gewerkt aan verbetering van de informatie en om die ook voor leerlingen van de basisschool toegankelijk te maken.

Ook kinderrechtenactivist Matai Samuels benadrukte de meerwaarde om van jongs af aan te leren wat democratie en rechtsstaat zijn. "We moeten niet alleen interessant zijn voor politici wanneer we voor het eerst gaan stemmen, maar nu al de democratische cultuur aanleren en cultiveren." DNA-voorzitter Marinus Bee was positief over het succes van het project en kijkt uit naar nog meer initiatieven voor het bevorderen van democratie.

Hij zei dat ook het Nationaal Jeugdparlement hierin een belangrijke rol zou kunnen spelen, "maar het heeft zich zodanig ontwikkeld dat het een politiek instituut lijkt". De parlementsvoorzitter pleit voor evaluatie van dit instituut. "We moeten als regering blijven investeren in de democratie en jongeren blijven betrekken in beleid dat ook op hen betrekking heeft."

Bron: De Ware Tijd 

zondag 15 november 2020

DNA-voorzitter Bee benadrukt belang jongerenparticipatie bij presentatie Projekta

 “Er wordt in de politiek gesproken over veel dingen die ook jongeren aangaan, maar zelf hebben ze er dan meestal geen stem in. En er worden veel wetten gemaakt die betrekking hebben op jongeren, maar zij hebben daar dus niets over te zeggen.” aldus Marinus Bee, voorzitter van de Nationale Assemblée (DNA). Hij deed deze uitspraken afgelopen vrijdag 13 november tijdens de virtuele eindpresentatie van het Twinningproject ‘Spelen met Democratie’, welke georganiseerd werd door Projekta. Volgens Bee is het Nationaal Jeugdparlement hiervoor het aangewezen inspraakorgaan, maar de politiek is zich hiermee gaan bemoeien. Het zou geëvalueerd moeten worden, want nu worden jongeren met veel potentie en kwaliteiten er buiten gehouden.

Onder aanwezigheid van de voorzitter van DNA en andere stakeholders, o.a. van gemeenschapsorganisaties, diverse ministeries, andere NGO’s en internationale organisaties, presenteerde Projekta de resultaten van het project . Dit past volgens Sharda Ganga, directeur van Projekta, binnen de traditie van de organisatie om ervaringen en lessons learned te delen na afloop van een project. Behalve dat het bijdraagt aan de transparantie, levert dit de organisatie zelf vaak ook nieuwe inzichten op. 

Spelen met Democratie is een Twinningproject dat Projekta heeft uitgevoerd samen met haar Nederlandse partner ‘ProDemos, huis voor democratie en rechtsstaat’. Het project is gestart in 2019 met als doel democratische cultuur te bevorderen, door kinderen en jongeren op een laagdrempelige manier te leren over democratie, rechtsstaat en mensenrechten. Beide organisaties blikken meer dan tevreden terug op hun samenwerking. Projekta heeft de aangeleerde vaardigheden voor het ontwikkelen van creatieve werkvormen over moeilijke onderwerpen als democratie en rechtstaat,  intussen ook al kunnen inzetten bij het ontwikkelen van werkvormen over andere onderwerpen, zoals huiselijk geweld; en ProDemos werd geïnspireerd haar materialen met nieuwe ogen te bekijken en inclusiever te maken. De viering van 100 jaar algemeen Kiesrecht vorig jaar gold bijvoorbeeld niet voor het heel Koninkrijk, beseften ze in het werken met Projekta.

Het project is boven verwachting succesvol verlopen, aldus de Projekta-directeur. Er zijn bijvoorbeeld 26 coaches en begeleiders van 16 organisaties uit 5 districten getraind. Veel meer dan oorspronkelijk gepland was. Drie van de getrainde begeleiders deelden tijdens de presentatie hun ervaringen: over hoe hun kennis is vergroot, over hoe zij het toepassen in hun dagelijks leven en over het spelen van de spelletjes tijdens de Democratische Speeldagen.

De spelletjes, dertien in totaal, maken deel uit van een toolkit. In de ontwikkeling hiervan hebben de organisaties voor wie de toolkit bedoeld is ook een belangrijke rol gespeeld. 

Ganga vertelde dat het voor Projekta een uitdaging was om de “prachtige hoogstandjes van ProDemos” om te zetten in laagdrempelige, low tech, budgettair verantwoorde, tropenbestendige spelvormen. Het werd (en blijft) een proces van constant aanpassen en verbeteren. 

De spellen werden uitgetest tijdens zes Democratische Speeldagen: in Paramaribo, Wanica en Moengo, en de afgelopen maand online via Zoom. Projekta heeft ook twee online quizzen gelanceerd, welke via onze Facebook-pagina nog steeds te spelen zijn. 

Over de activiteiten in de districten was de DNA-voorzitter ook zeer te spreken. "Suriname is meer dan Paramaribo", zei hij.

De zaakgelastigde van Nederland in Suriname, Henk van der Zwan, was ook onder de indruk en complimenteerde Projekta en ProDemos met de ongedwongen manier van leren aan kinderen en jongeren over democratie en mensenrechten. Kritische, mondige burgers zijn essentieel voor de toekomst van het land, aldus van der Zwan. Hij sprak de hoop uit dat er door onderwijsgevenden en beleidsmakers lessen worden getrokken uit dit project over wat wel en niet werkt. Volgens hem biedt Spelen met Democratie beleidsmakers een gouden kans om burgerschapsonderwijs in Suriname te versterken en daarmee een fundament voor de rechtsstaat en de democratie verder te verstevigen. 

dinsdag 10 november 2020

Jongeren spelen online met democratie

Hoe en waar kun je je stem laten horen? Welke rechten ken je? Wat is een democratie en wat is een dictatuur?

Op vrijdag 6 en zaterdag 7 werden deze vragen beantwoord door tientallen jongeren die deelnamen aan de online sessies Spelen met Democratie.

Jongeren leren op een interactieve manier over democratie en mensenrechten 
tijdens de Democratische Speeldag in Paramaribo (februari 2020).

Spelen met Democratie is een Twinning-project dat Projekta uitvoert samen met haar Nederlandse partner ‘ProDemos, huis voor democratie en rechtsstaat’. Het project is gestart in 2019 en het doel is om kinderen en jongeren op een laagdrempelige manier te leren over democratie, rechtsstaat en mensenrechten.

In 2019 zijn er trainingen gehouden om personen die met jongeren werken (waaronder gemeenschapswerkers en sportcoaches) uit te rusten met de juiste vaardigheden en hen bekend te maken met de speciaal voor Suriname ontwikkelde spelletjes. Ook zijn er drie Democratische Speeldagen georganiseerd, in Wanica, Paramaribo en Marowijne.

Door Covid-19 en de daarbij horende maatregelen, verplaatste Projekta de Democratische Speeldagen noodgedwongen naar de digitale ruimte. Via Zoom hebben de deelnemers meer geleerd over onder andere het verschil tussen democratie en dictatuur en de diverse manieren om je mening te laten horen en invloed uit te oefenen.

“Sommige manieren om mijn stem te laten horen waren nieuw voor mij. Ik heb ook geleerd dat het per situatie verschilt wat de handigste manier is om invloed uit te oefenen en ook dat je acties kunt combineren.”

Zij zijn ook aangemoedigd om niet zomaar je mening te geven, maar deze te onderbouwen met feiten.

“Bij de cases die gepresenteerd werden, zag ik direct welke een dictatuur zijn en welke een democratie. Maar toen ik moest aangeven met argumenten waarom ik dat vond, moest ik wel even goed nadenken.”

De training heeft de deelnemers niet alleen meer kennis opgeleverd, maar heeft hen ook gestimuleerd om op zoek te gaan naar meer informatie over de thema’s. Het prikkelen van hun nieuwsgierigheid en een onderzoekende, kritische houding is een van de doelen van Spelen met Democratie; dit doel is volgens Projekta met deze online sessies zeer zeker bereikt.

Het project wordt aanstaande vrijdag 13 november officieel afgesloten met een virtuele presentatie en de overhandiging van de Toolkit Spelen met Democratie aan de voorzitter van De Nationale Assemblée.

De online Democratische Speeldagen vallen binnen de Democratiemaand die traditiegetrouw georganiseerd wordt door Projekta in november. Meer informatie zal in aanloop naar de activiteiten te vinden zijn op deze blog en onze Facebook-pagina.

vrijdag 25 september 2020

Hoor ons nu: Rishi van Stichting Jágran Mangal

Tijdens de virtuele presentatie van de 'Prioriteiten tegen Geweld' op donderdag 10 september, vertelde een aantal community organisaties over wat zij nodig hebben om meer te betekenen in de strijd tegen huiselijk en seksueel geweld, inclusief geweld tegen kinderen.
Hier is het verhaal van Rishi van Stichting Jágran Mandal, die naast een Mandir ook een afdeling heeft die zich bezig houdt met verslavingszorg en het tegengaan van huiselijk en seksueel geweld. 

(De Prioriteiten Tegen Geweld zijn voortgekomen uit het Hear Us Now programma dat Projekta uitvoerde met financiering van de EU. Lees er hier meer over.)

Rishi tijdens een van de workshops van het Hear us Now programma
Mijn naam is Rishi Moella. Ik ben verbonden aan Stichting Jágran Mandal Suriname. Naast de Mandir hebben we ook aan afdeling die zich bezighoudt met verslavingszorg en nu, zeker sinds we deel zijn va het Hear Us Now programma dus ook het tegengaan van huiselijk en seksueel geweld. Ons werk bestaat uit het doorverwijzen naar specifieke instanties op basis van de hulpvraag van slachtoffers, psychologische coaching, doorverwijzing naar de politie, aanvraag bescherming bevel en situationele hulp. Wij hebben een brede doelgroep, echt iedereen kan bij ons binnenlopen. Wij zijn actief in het politieressort Uitvlugt tot en met politieressort Flora. 
Religie werkt ondersteunend aan onze dienstverlening naar de mensen aan wie wij hulp bieden toe. In onze dienstverlening hebben wij de mogelijkheid om mensen met een trauma als gevolg van seksueel of huiselijk geweld te begeleiden voor wat het geestelijk herstel betreft. Wij merken daar de resultaten van. 
Er zijn al enkele mensen, ook jonge meisjes, die hun verhaal, ondanks de bedreigingen van plegers, wel aan ons durven te vertellen, en wij begeleiden ze verder, ook naar officiële instanties, maar alleen als zij dat willen. 
De Mandir is net als vele andere gebedshuizen een plek waar groepen mensen regelmatig samenkomen en met elkaar in gesprek gaan, in grote en kleine groepen, over met name het eigen gedrag in lijn met wat geacht wordt ‘goed gedrag’ te zijn. Naast het een op een contact met bezoekers van gebedshuizen, kun je ook grotere groepen bereiken om te praten over gedrag Gebedshuizen zijn daarom uitstekende plekken om seksueel en huiselijk geweld ter sprake te brengen. Binnen de Mandir zetten wij dit gegeven in door bijvoorbeeld bij sommige diensten er aandacht aan te besteden en tijdens activiteiten met jongeren hierover te praten. 
Wij hebben gemerkt dat de religieuze insteek werkt om mensen aan het denken te zetten over het eigen gedrag. Ook bij de traumaverwerking heeft dit positieve resultaten opgeleverd.
Rishi tijdens een L&A workshop waarbij er gewerkt werd aan
de totstandkoming van de Prioriteiten tegen Geweld
Als meer religieuze organisaties ingezet worden in de strijd tegen huiselijk en seksueel geweld, kunnen zowel slachtoffers als daders in hun vertrouwde omgeving hulp aangeboden krijgen. Ook kan er vroegtijdig ingegrepen worden om toekomstige trauma’s voor slachtoffers te voorkomen en om ook te voorkomen dat de slachtoffers later in hun leven daders worden. 
Religieuze organisaties worden nog onvoldoende ingezet in de strijd tegen seksueel en huiselijk geweld. Het zijn organisaties die rechtsreeks contact hebben met slachtoffers die gebruik maken van de bestaande dienstverlening, en hebben daardoor een beeld van hoe deze te verbeteren. Maar ze kunnen ook uitgroeien tot dataverzamelingsbronnen rond huiselijk en seksueel geweld. 
Er is training en begeleiding nodig aan religieuze organisaties om de dienstverlening ter hand te nemen, om uit te groeien tot een plek waar huiselijk en seksueel geweld ter sprake komt. Ze moeten toegang hebben tot lokale dienstverleners, maar ook de bestaande dienstverlening helpen verbeteren door gehoord te worden bij het vormen van beleid. Als organisatie hebben wij in het Hear us Now programma ook trainingen moeten volgen. Gebruik ons als case study om een traject op te zetten voor religieuze organisaties. Wij zitten graag aan tafel met overheidsinstantie om dit traject uit te werken. 

dinsdag 22 september 2020

Hoor ons nu: Wiedja van Stichting Sari

Tijdens de virtuele presentatie van de 'Prioriteiten tegen Geweld' op donderdag 10 september, vertelde een aantal community organisaties over wat zij nodig hebben om meer te betekenen in de strijd tegen huiselijk en seksueel geweld, inclusief geweld tegen kinderen.

Hier is het verhaal van Wiedja van Stichting Sari, een organisatie die zich inzet voor meer genderbewustzijn en economische weerbaarheid van (met name) vrouwen in Nickerie.  

(De Prioriteiten Tegen Geweld zijn voortgekomen uit het Hear Us Now programma dat Projekta uitvoerde met financiering van de EU. Lees er hier meer over.) 

Wiedjawatie Jawalapersad tijdens een training aan vrouwen uit de polders over huiselijk geweld

Stichting Sari (Sarnam Nari) is opgericht in 2001 en gevestigd in Nickerie. Het doel van onze organisatie is om de achtergestelde Nickerianen i.h.b. de vrouwen genderbewust en economisch weerbaar te maken. Huiselijk Geweld is jammer genoeg al lange tijd een zorgpunt van de overheid en maatschappelijke organisaties, ook in Nickerie.

Binnen het project “Hear Us Now” van Projekta hebben wij als organisatie ons mogen verdiepen in wat seksueel geweld, huiselijk geweld en kindermishandeling allemaal inhoudt. Met de opgedane kennis, heeft dit project ons ook in staat gesteld om verschillende bewustwordingsactiviteiten te organiseren binnen de Nickeriaanse gemeenschap. We zijn vanaf december 2019 gestart met geven van voorlichting over seksueel en huiselijk geweld aan de vrouwen in de polders, VOJ-scholieren en opkomende verpleegkundige en ziekenverzorgers. Helaas zijn we in maart gestopt met de fysieke voorlichtingsactiviteiten vanwege covid-19.

Stichting Sari geeft infosessie over geweld aan COVAB Nickerie

Binnen het “Hear Us Now” project hebben wij van Sari ook een onderzoek mogen doen over “Huiselijk Geweld” in Nickerie met een bijzondere focus op incest.

Uit het onderzoek is gebleken dat slachtoffers meestal weinig kennis hebben over waar ze hulp moeten gaan zoeken, waardoor ze geïsoleerd worden van de gemeenschap en het geweld blijft maar plaatsvinden. De slachtoffers kunnen hun verhaal niet kwijt bij familieleden, omdat het geweld in sommige gevallen een “open geheim” is binnen de familie. Er is een enorm taboe rond seksueel en huiselijk geweld. Bij Hindoestanen hoor je niet te praten over seksueel en huiselijk geweld, want het zal een schande voor de familie zijn als anderen erachter komen. Slachtoffers die aankloppen bij Sari, proberen we door te verwijzen naar professionele instanties voor verdere hulp, omdat wij als organisatie slechts het eerste aanspreekpunt zijn voor slachtoffers. Ook zijn we gevestigd in Nieuw Nickerie, terwijl Nickerie veel groter is. Slachtoffer in de polders van Nickerie kunnen bijvoorbeeld niet terecht bij ons voor hulp omdat:

1. de afstand te groot is en ze zijn vaak genoeg financieel afhankelijk van hun partner

2. ze vaak genoeg niet beschikken over een mobiel

Sommige van de slachtoffers die ons hun verhaal toevertrouwen willen bijvoorbeeld uit hun thuissituatie en anderen willen gewoon dat het geweld moet stoppen.

Jammer genoeg zijn er in Nickerie geen meldpunten in de verschillende ressorten, waar slachtoffers makkelijk naar toe zouden kunnen gaan voor hulp. De verschillende politiebureaus hebben wel een slachtofferkamer, maar alleen die van Nieuw Nickerie heeft personeel. Terwijl seksueel en huiselijk geweld overal voor komt in Nickerie en niet alleen in Nieuw Nickerie.

Wiedja vertelt het verhaal van Stichting Sari tijdens de presentatie
van de Prioriteiten tegen Geweld op 10 september 2020

Ook zijn er in Nickerie weinig instanties die zich bezighouden met het begeleiden en de opvang van deze slachtoffers. Als gemeenschapsorganisatie hebben wij een luisterend oor voor slachtoffers van seksueel en huiselijk geweld, maar we zijn geen professionals en alleen kunnen wij seksueel en huiselijk geweld in Nickerie niet tegengaan. Daarom pleiten wij als Sari voor meer meldpunten in Nickerie met goed getraind personeel, en meer programma’s voor begeleiding van slachtoffers. Ook Sari wil doorgaan met onze voorlichting en begeleiding, dus we pleiten ook ervoor dat community organisaties zoals wij, betrokken blijven en ondersteund worden in ons werk.