zondag 25 maart 2012

Verslag 2e discussie MvdVrouw: Gezinnen en Gendergelijkheid

inleiders Lilian Ferrier, Carl Breeveld en Siegmien Staphorst
in overleg
“Gendergelijkheid is een voorwaarde voor stabiele gezinnen”, concludeerde directeur Sharda Ganga van Projekta, bij de afsluiting van de openbare discussie “Stabiele Gezinnen en man/vrouw relaties”. De inleiders op deze avond waren Carl Breeveld (DNA-lid), Siegmien Staphorst (vrouwenrechtenactivist) en Lilian Ferrier (kinderrechtenactivist). Deze discussie werd donderdagavond gehouden in Lalla Rookh, in het kader van de Maart van de Vrouw 2012.

 De inleiders benaderden elk het vraagstuk van stabiele gezinnen vanuit hun eigen optiek. Carl Breeveld riep op tot harmonie binnen gezinnen en lichtte de inspanningen van de organisatie Man Mit’ Man toe, die vooral met mannen werkt, zodat zij zich anders gaan opstellen in relaties en gezinnen.
Lilian Ferrier beschreef de gevolgen van instabiele gezinnen voor de ontwikkeling van kinderen, en het belang van mannelijke en vrouwelijke rolmodellen voor kinderen. Ook lichtte ze toe dat het Kinderrechtenverdrag de verantwoordelijkheid voor de opvoeding van kinderen bij beide ouders legt.
Siegmien Staphorst benadrukte dat ongelijke genderverhoudingen in onze samenleving in het algemeen niet alleen merkbaar zijn en worden doorgegeven in gezinnen, maar ook op scholen en in bedrijven en organisaties. Zolang deze verhoudingen niet gelijk zijn, dan zal er van daadwerkelijke harmonie (dus geen schijnharmonie) nog geen sprake van kunnen zijn.

Niet de samenstelling van het gezin is belangrijk, maar de relaties daarbinnen
Uit de inleidingen en discussie bleek dat vooral de relaties binnen gezinnen belangrijk zijn: empathie, communicatie, en begrip zijn hierbij belangrijk. Zowel mannen als vrouwen moeten zich vrij kunnen voelen om hun gevoelens te uiten, weliswaar met respect naar elkaar toe. Ook moeten er goede afspraken worden gemaakt over de eerlijke verdeling van taken in het huishouden. Vaak worden vrouwen nog steeds niet-evenredig belast met de zorgtaken, ook al hebben zij ook een inkomensgenerende taak daarnaast. Door diverse personen uit het publiek werd aangehaald dat ook mannen onder druk staan om zich niet te bemoeien met de zorgtaken. De onderliggende genderideeën over de taakverdeling in huis blijven de basis hiervoor. 
Er ontstond een levendige discussie over het zogenaamde ‘traditioneel / ideaal’ gezinstype, van vader en moeder die getrouwd zijn en zelf hun kinderen opvoeden. Hoewel velen dit nastreven en zien als het enige goede en stabiele gezinstype, blijkt dit welhaast een mythe te zijn. Siegmien Staphorst gaf aan dat uit onderzoek is gebleken dat bijkans 60% van alle kinderen in Suriname worden geboren uit ouders die niet zijn getrouwd. Vele burgers zijn op zeer kundige wijze opgevoed door alleenstaande moeders, door de welbekende mati-echtparen, of door samengestelde gezinnen.
Ferrier benadrukte het belang van zowel een vader- als een moederfiguur in een gezin, ook al wonen ze niet in één huis. Daarnaast is het belangrijk dat kinderen aandacht, liefde, regels en structuur nodig hebben. Dit krijgen ze vaak niet, omdat vele gezinnen verwikkeld zijn in een survivalstrijd, waarbij het vaak ‘ieder-voor-zich’ is.

Tienerzwangerschap
Een ander discussiepunt betrof de manier waarop wij als samenleving omgaan met tienerzwangerschap. Raoul Dankoor van het Ministerie van Sociale Zaken gaf aan dat zwangere meisjes nog steeds worden afgeschreven van scholen, vaak op een wijze die indruist tegen het vrouwenrechten- en het kinderrechtenverdrag. Het MULO schooldirecteurenberaad is in deze het instituut dat volgens hem heeft bepaald dat het mag.

Tegelijkertijd, noemden anderen uit het publiek de goede initiatieven die er wel zijn, zoals een brief van het MINOV naar VWO-scholen om het afschrijven van zwangere leerlingen te verbieden, het verlenen van individuele begeleiding aan zwangere leerlingen door leerkrachten, en de ondersteuning die het programma Tienermoederbeleiding geeft.
Belangrijk is wel om onderzoek te doen en maatregelen te treffen dat jongeren verantwoordelijker omgaan met seks. Onze wetgeving erkent impliciet de seksualiteit van adolescenten doordat de huwbare leeftijd is gesteld om 15 en 17 jaar, maar zij worden daar totaal niet op voorbereid.

Gender in wetten en beleid
Verschillende inleiders en leden van het publiek deden een beroep op Breeveld om als parlementariër te zorgen voor verandering in wetten, maar ook in het genderbeleid in het algemeen.
De ongelijke huwbare leeftijd zoals hierboven genoemd, is maar een van de voorbeelden van genderongelijkheid in de wet. Volgens de directeur van het Bureau Ilse Henar-Hewitt Juridische Bijstand, is evaluatie en aanpassing van de leeftijden beloofd, maar het is nooit gebeurd.
Breeveld haalde ook het voorbeeld van het systeem van voogdij: in geval van een huwelijk, is de vader de voogd, waardoor de moeder haar kinderen b.v. niet mag inschrijven op een andere school, adres of district zonder schriftelijke toestemming van de vader. Omgekeerd mag hij dat wel doen zonder haar toestemming. Hij hekelde ook het feit dat er geen dwangmiddelen zijn voor vaders om alimentatie te bepalen in geval van scheiding. De parlementariër gaf aan dat de President in een toespraak het belang van ouderschapsverlof heeft aangegeven. Breeveld ondersteunt dit en zei de President aan z’n woord te zullen houden.

 civil society bijdrag
Het maatschappelijk middenveld is een belangrijke schakel in de strijd om gendergelijkheid. Ondanks de beperkte middelen, is er veel bereikt, en hebben organisaties altijd klaar gestaan om niet alleen vrouwen te begeleiden en op te vangen, maar ook om situaties van onrecht te bevragen. Siegmien Staphorst gaf aan dat de vrouwenbeweging al jaren strijd levert tegen ongelijkheid. Er is veel veranderd, maar de basis is niet veranderd. Zolang de overheid ook geen maatregelen treft, geen goed genderbeleid gaat voeren, gaat het niet veranderen. De verandering moet komen in het gezin, maar ook op scholen, in de media, etc.

De directeur van Projekta sloot de avond af door te stellen we er nog niet zijn, “zolang niet iedereen begrijpt hoe jouw leven vorm wordt gegeven door alles om je heen: gezin, school, media, wetgeving zullen we zoveel problemen niet oplossen: huiselijk geweld, armoede, tienerzwangerschap, jongens die de school niet afmaken, en ook het vraagstuk van stabiele geziennen. Stabiele gezinnen - in welke vorm dan ook- krijgen we pas als er gendergelijkheid is. Kinderen worden gelukkig als ze zich ten volle kunnen ontwikkelen, met gelijke rechten. Gendergelijkheid, daar worden we allemaal beter van.”

Dit is ook de slogan van een Gender Awareness campagne die Projekta uitvoert, met ondersteuning van de Nederlandse Ambassade.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen