maandag 22 november 2010

Het gaat redelijk goed met Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen in Suriname

 Verslag van de vijfde discussie-avond: Rekenschap en de Private Sector

 Het gaat wel redelijk goed, maar toch valt er nog veel te zeggen over de mate waarin de private sector van ons land rekenschap aflegt.  Dit bleek tijdens de discussie Rekenschap en de Private sector, de vijfde discussie in de cyclus “Democratie en Accountability”. De avond werd ingeleid door presentaties van Satcha Jabbar van het Institute for Public Finance (IPF) en Rahid Doekhie, voorzitter van de Associatie van Surinaamse Fabrikanten (ASFA). De presentaties werden gevolgd door een levendige discussie tussen de inleiders en het publiek, en tussen de aanwezigen onderling.


De toon werd gezet door Satcha Jabbar die zei geen verhaal te wilde vertellen. Zij wilde het liefst met het publiek over de door haar gepresenteerde onderwerpen discussiëren, zoals de voorbeelden van en uitleg over de verschillende vormen van accountability binnen de private sector. Een stukje geschiedenis  bracht een belangrijk aandachtspunt rond accountability naar voren: Machtsverhoudingen. Want zei Jabbar: “Reeds in de oudheid maakten politieke filosofen zich druk over hoe zij de macht van machthebbers (koningen, priesters, landheren e.d) konden indammen,controleren, van misbruik vrijwaren EN afstraffen”. Het vragen om openheid veronderstelt dat de vragensteller ook zekere machtspositie bezit, vindt Jabbar: zonder een machtspositie of zonder pressiemiddelen kun je wel vragen stellen, maar niets dwingt dan de andere partij om vragen te beantwoorden. Machtsverhoudingen komen we overal tegen, bijvoorbeeld in de relaties tussen de overheid en multinationals, consumenten en bedrijvengroepen, patiënten en medische dienstverleners.

Jabbar maakte een onderscheid tussen de verschillende niveaus w
aarop de private sector rekenschap aflegt, te beginnen met Corporate accountability. Deze richt zich op verantwoordelijkheden binnen de interne processen zoals de relaties met stakeholders, aandeelhouders en personeel. Corporate governance gaat een stapje verder en betrekt ook de overheid in het proces. Bij Corporate Social Responsibility (CSR) (of Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen-MVO) kan het bedrijf worden vergeleken met een burger die goed burgerschap uitoefent. Bedrijven worden aangespoord om rekenschap af te leggen, en maatschappelijk verantwoord te ondernemen onder andere omdat de consumenten beter geinformeerd, en eisen stellen: zij willen kwaliteit, “schone’ producten, informatie over herkomst en samenstelling van het product, liefst producten die het milieu zo min mogelijk belasten en waar geen kinderarbeid en andere vormen van dwangarbeid aan te pas zijn gekomen.
Ondernemingen die de mens en milieu centraal stellen terwijl ze groeien, hebben, volgens Jabbar,  een betere relatie met klanten en leveranciers, ze presteren beter en ze hebben een beter maatschappelijk draagvlak.

Rahid Doekhie van de ASFA bevestigde de verschillende voordelen van CSR in zijn presentatie. Suriname is Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen een vrijwillige keus die de ondernemer moet maken, zei hij.

Volgens hem is Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen een proces dat altijd in overleg met anderen plaatsvindt, waarbij het gaat om de systematische integratie van economische, sociale en milieuoverwegingen. De ASFA streeft ernaar dat al haar leden zich verantwoordelijk gedragen ten opzichte van mens, maatschappij en milieu, en heeft daar zelfs een vijfstappen plan voor ontworpen. Dit is zij systematisch bezig uit te voeren, door haar leden te begeleiden naar het punt dat zij ISO gecertificeerd worden. Met maandelijkse netwerk en wekelijke ondernemingsmeetings wordt het samenwerken bevorderd.  
Het proces naar MVO is niet gemakkelijk. Een ondernemer kan gemakkelijkere manieren vinden om haar winstdoelen te bereiken, en de keus om aan Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen te doen is daarom al een teken van de commitment van zo’n ondernemer om rekenschap af te leggen, zegt Doekhie.

De transformatie naar Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen komt bovenop de andere uitdagingen waar ondernemers in Suriname voor staan. Want Suriname is nog altijd een van de minst ondernemervriendelijke landen ter wereld, zoals kan worden afgeleid uit de rangschikking van de Ease of Doing Businesslijst, waar  Suriname in 2010 de 160e plaats inneemt (ter vergelijking: Guyana neemt de 100ste plaats in beslag).  Toch typeert Doekhie de stand van zaken rond Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen in Suriname als redelijk, vooral als hij het vergelijkt met andere Caribische landen zoals Barbados en Trinidad. Hij komt tot deze conclusie vanwege het feit dat steeds meer bedrijven ISO gecertificeerd zijn, waaronder 48 % van de leden van de ASFA. Aan bedrijven die ISO gecertificeerd zijn worden nu eenmaal bepaalde eisen gesteld die het verantwoord ondernemen bevorderen, zoals regelmatige evaluatie van de bedrijfsprocessen. De ASFA streeft ernaar om binnen 5 jaar de rest van de bij haar aangesloten bedrijven door het proces van certificering door te krijgen. Een belangrijke certificering met betrekking tot Maatschappelijk Verantwoord ondernemen is de ISO 26000. Hoewel deze certificering zeer recent is, wil de ASFA deze zo snel mogelijk onder haar leden stimuleren.

De discussie werd geopend met een vraag over de openbaarheid van salarissen van de leiding van bedrijven, naar aanleiding van de opschudding die werd veroorzaakt door het salaris van de nieuwe governor van de Centrale Bank. De salarissen in de private sector horen geheim te blijven, want dat is internationaal ook zo, was de mening van vooral de aanwezige ondernemers in de zaal. Men was het er wel over eens dat de salarissen van toppers van staatsbedrijven wel ter discussie mogen worden gelegd, aangezien de burgers voor deze salarissen moeten opdraaien. Desondanks bleven er vraagtekens bij de salarissen van particulieren: hebben de salarissen invloed op de prijsvorming, en daardoor invloed op de burgers? Ook de verschillen tussen de salarissen van werknemers in de particuliere sector en de overheid baren enkele ondernemers zorgen.

Satcha Jabbar bekeek het geheel vanuit een andere invalshoek, namelijk de ordening van de samenleving. De samenleving bepaalt wat hoort en wat niet hoort, wat kan en wat niet kan. Afhankelijk van het type maatschappij, zullen verschillende onderwerpen ter discussie worden gesteld, en wel of geen transparantie en rekenschap worden geëist. Dhr. Alleyne van de consumentenbond vroeg zich daarop af: Willen we wel echt transparant zijn?



Hieruit vloeide een ander discussiepunt voor: het functioneren van de Rekenkamer. En de vraag was: aan wie is de Rekenkamer rekenschap verschuldigd? Zijn de stukken van de Rekenkamer wel of geen openbare stukken, en wanneer? Hoort dit instituut niet een andere plaats en rol te krijgen? Aangezien er nog veel onduidelijkheid over dit onderwerp bij de aanwezigen werd de discussie in het informeel deel van de avond voortgezet.

Ook over de laatste vraag van de avond mochten de aanwezigen nog nadiscussiëren: Wat zijn de voorwaarden om duurzame bedrijven op te zetten? Wettelijke bepalingen, en goed functionerende instituten, zegt Marc Willems, consultant.  Met andere woorden: Checks en Balances. Gelet op het enthousiasme van de aanwezigen, belooft de discussie over Checks en Balances, door Hans Lim A Po (de laatste in de cyclus Democratie en Accountability) een heel interessante te worden.

(Let op: de lezing “Checks and Balances in Suriname” is verschoven van 26 november naar 30 november, begintijd: 19.00 uur. Plaats: Leaders Group Conference Room).

Onze verontschuldigingen voor het gebrek aan foto’s van de avond, ons toestel liet ons in de steek.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten