donderdag 15 november 2012

Uitnodiging afsluiting: het parlement en actieve burger

In deze derde en laatste openbare discussie van de door Projekta georganiseerde Democratiemaand 2012, deelt de Voorzitter van de Nationale Assemblee haar visie over hoe we in Suriname het best de burger kunnen betrekken bij besluitvorming. Daarbij gaat zij in op wat het parlement kan en zal doen, maar ook wat wij (individuele burgers, civil society, en anderen) moeten doen om te komen tot een sterke democratie. De Voorzitter zal verder aangeven wat zij verlangt van de burgers die vertegenwoordigd worden door de DNA-leden, en vice versa.

Na de inleiding en discussie over het parlement en de actieve burger, presenteert Projekta de resultaten van haar onderzoek onder actieve burgers in Paramaribo en districten: burgers die opkomen voor onrechtvaardigheid, en/of zelf de handen uit de mouwen steken om te werken aan de ontwikkeling van hun gemeenschap en het land.

Projekta zal kort terugkijken op het verloop van deze 5e Democratiemaand en haar 4e editie van de “State of Democracy” nieuwsbrief presenteren. In deze nieuwsbrief wordt jaarlijks de ‘temperatuur’ van de Surinaamse democratie gemeten, met behulp van data en inzichten van nationale en internationale sleutelpersonen en/of organisaties. De avond wordt afgesloten met een informeel samenzijn.

Projekta
Projekta organiseert vanaf 2008 jaarlijks de Democratiemaand, waarin speciale aandacht wordt gevraagd voor de staat van de democratie in Suriname. Deze 5e editie van de Democratiemaand staat voor Projekta in het teken van Actieve Burgers.

Democratie en actieve burgers
De kwaliteit van een democratie is afhankelijk van de inzet van betrokken en actieve burgers. Zij vormen de basis van een democratie. Betrokken en actieve burgers bundelen mensen en werken samen met anderen aan een betere en rechtvaardige samenleving, waarbinnen iedereen erkend wordt. Ofwel ze werken, soms onbewust, aan het versterken en het behoud van een democratische cultuur. Zij zijn geïnformeerd over hun rechten en verantwoordelijkheden en dragen deze uit. Zij dragen hun kennis en vaardigheden over aan anderen, zodat ook zij geïnformeerd zijn over hun rechten en verantwoordelijkheden en daarnaar kunnen handelen.

Opvoeden tot Democratische, Actieve Burgers


Democratie zonder burgers bestaat niet: wij zijn makers en bewakers van de democratische samenleving. De kwaliteit van een democratie is afhankelijk van de inzet van betrokken en actieve burgers. Zij vormen de basis van een democratie. Zij brengen mensen bij elkaar en werken samen aan een betere en rechtvaardige samenleving, waarbinnen iedereen erkend wordt. 

Ouders en/of verzorgers van kinderen hebben een belangrijke rol in het opvoeden van betrokken en actieve burgers. Projekta heeft daarom een serie tips geformuleerd voor ouders en verzorgers. Download de tip sheet hier.


maandag 12 november 2012

Verslag workshop: macht en de actieve burger

Afgelopen vrijdagochtend, 10 november 2012, kwamen 15 mensen bijeen voor de workshop ‘Macht en burger’ van Annette Tjon Sie Fat georganiseerd door Projekta in verband met de Democratiemaand. Projekta probeert tijdens elke democratiemaand minstens één workshop te geven die dieper op het thema van de maand.  Het thema van de 5e democratiemaand is “actieve burgers”. Actieve burgers die werken aan maatschappelijke veranderingen  moeten altijd rekening houden met macht: men moet weten welke macht men zelf heeft, en welke macht anderen hebben. Pas dan kun je strategisch werken aan de veranderingen die je wil zien.

Associaties met macht
De workshop startte met de vraag om twee woorden te noemen, die men koppelt aan macht. Er kwam een breed scala aan begrippen op het grote bord. Zo werden begrippen geplaatst als geld, positie, besluiten, misbruik, willekeur, mannen en invloed. Er ontstond gelijk discussies over wie wel/geen macht heeft en waarom. Maar ook werd bevestigd dat in Suriname mannen nog steeds meer macht hebben dan vrouwen. De meeste hoge posten worden door mannenfiguren bezet. Zij worden belast, de vrouwen blijven achter. Het duurde ook even voordat er een voorbeeld van een vrouw met macht kon worden genoemd. Daarna volgde ook gelijk een discussie of ze wel daadwerkelijke macht had. De meningen waren sterk verdeeld. 
Men moest ook twee personen noemen, waarvan men dacht dat ze veel macht hadden. Later bleek dat men veelal formele machthebbers had genoemd. De president werd het meest genoemd. Er waren ook enkele voorbeelden van informele machthebbers als politici, bepaalde zakenmannen en ‘God’. 

Presentatie
Annette vervolgde na deze interactieve start met een presentatie over macht, waarin ze de diverse aspecten van macht inzichtelijk maakte met mooie cartoons.  De zaal kreeg alle ruimte om hierop te reageren en met voorbeelden te komen. Op deze manier werd inzicht gegeven in het feit dat macht en identiteit sterk met elkaar samenhangen. Macht begint bij jezelf. Hoeveel macht geef of neem jijzelf? 

Als je macht geeft aan iemand, dan betekent het dat je hem/haar ’empowert’. In Suriname is deze term vaak verkeerd gebruikt. Om te empoweren werden er knip- en naaicursussen gegeven, zodat vrouwen zelf kleding konden maken en verkopen.   Het idee was dat als een vrouw geld gaat verdienen met haar werk, ze niet meer afhankelijk zou zijn van haar man voor huishoudelijke spullen of betalen van schoolgeld voor haar kinderen. Echter, als dat gebeurt, dan verandert ook de machtsverhouding binnen de relatie, want de man krijgt minder macht.  Als één persoon of groep meer kennis en kansen krijgt, dan gaan andere personen of groepen die macht hebben reageren omdat hun macht bedreigd wordt. In sommige gevallen kregen vrouwen en trainers dan woedende mannen tegenover zich.De les die is geleerd, is dat als een interventie wordt gepleegd waarbij machtsposities veranderen, dat een spin-off effect heeft naar andere groepen.  Dat maakt ‘empoweren’ moeilijk, maar geeft ook de complixiteit van macht aan. 

Het is daarom belangrijk om machtsstructuren goed te begrijpen en analyseren. Maar ook dan, kun je als persoon of organisatie misschien nog steeds niet altijd de verandering tot stand brengen die je graag wilt. Eerst moet men zelf macht hebben en daarvoor heeft men machtsmiddelen nodig om de machtspositie te verwerven en te consolideren.  Machtsmiddelen kunnen hard zijn, zoals geld of geweren, maar ook ‘zacht’. Denk daarbij aan informatie, overleg, mobilisatie, lobby en publieke opinie vormen.

Macht en machteloosheid
De deelnemers werden toen gevraagd om elkaar één verhaal te vertellen, waarbij ze macht of onmacht hebben ervaren. Toen men dat had gedaan, werden vooral de gevoelens die daarbij kwamen, besproken. Iedereen herkende de gevoelens van macht en onmacht. Het lege gevoel, de boosheid, de verslagenheid en de hopeloosheid bij onmacht. Sommigen putten uit machteloosheid juist strijdvaardigheid.  Maar dat is ook afhankelijk van hoe belangrijk de issue voor de persoon was en was dus ook afhankelijk van de situatie. Annette benadrukte dat veel mensen een continu gevoel van machteloosheid hebben.  Aan de andere kant voelt macht heerlijk. Men kan mensen laten doen wat men wil. Soms is macht vervelend, want als je macht hebt zijn mensen minder onbevangen naar je en dus ook niet meer helemaal eerlijk over je werk of functioneren. Soms is het ook ongemakkelijk, als je juist met mensen wilt praten en meedenken en zij zien jou als machtige en volgen dus alles wat je zegt of doet. Je hebt dan een gevoel van machteloosheid, omdat je macht hebt. Als je macht hebt, wordt er ook veel van je verwacht. Je kunt dat niet altijd waarmaken en dat geeft ook machteloosheid. Annette sloot dit onderdeel af met de opmerking dat macht altijd in beweging is. Het is nooit statisch.

Democratie en macht
In een democratie kiezen mensen vertegenwoordigers, die dan formele macht hebben. Maar als iemand formele macht heeft gekregen en degene neemt een besluit, moet dat dan altijd opgevolgd worden? Nee, zeggen alle deelnemers. Annette vroeg of men geen vertrouwen moeten hebben dat ze het wel goed doen? Nee, zegt de zaal, je moet wel kritisch blijven. Politici kunnen niet naar iedere individuele burger luisteren als er een besluit moet worden genomen, maar als burger kun je wel door middel van media, contacten in de politieke partij en stemrecht invloed uitoefenen. Het bezoeken van DNA-vergaderingen is ook een optie. Als je op de tribune zit dan wordt na 2-3 keer wel rekening gehouden met je aanwezigheid. Zeker als men weet dat jij of je organisatie zich druk maakt over een bepaald thema.

Allianties en netwerken
Door samen te werken kun je macht worden vergroot. Toch zijn er in Suriname maar weinig zichtbare netwerken en allianties. Annette legde uit dat in Suriname macht teveel als statisch begrip wordt gezien. Een baas blijft een baas. Bij netwerken en allianties zijn geen formele (hiërarchische) structuren; je werk samen en deelt informatie. Vaak wordt dat laatste nog gezien als verlies van macht, in plaats van vergroten van macht. Macht wordt juist vergroot door gezamenlijke actievoering, maatschappelijke mobilisatie, allianties aangaan en netwerken bouwen.

Paul Tjon Sie Fat gaf daarbij aan dat de overheid altijd als zwak werd gezienin Suriname. Je kunt niet op de overheid rekenen, dus moet je goede persoonlijke netwerken hebben om dingen gedaan te krijgen. Via de formele weg invloed uitoefenen heeft geen zin, vanwege de zwakte van de overheid.
Powercube 
Actief burgerschap heeft dus alles te maken met macht en machtsverhoudingen. Als men wil participeren, moet men op de hoogte zijn van de formele structuren en rechten. Men moet zich bewust zijn van de machtsmiddelen die menzelf en anderen hebben. Wil men dat je participeert of moet participatie opgeëist worden?

Annette Tjon Sie Fat presenteerde daarop de powercube als hulpmiddel voor advocacy en lobby-werk. Op wel niveau wil men invloed uitoefenen, sub-nationaal, nationaal of supra-nationaal? Wat zijn de zichtbare, onzichtbare en onzichtbare overleggen. En tot slot is er sprake van een gesloten bijeenkomst met uitsluiting van mensen, van open overleg of heeft men een plek opgeëist? Op basis van deze analyse, kan een strategie worden bepaald over hoe men macht wil gaan uitoefenen ten behoeve van beïnvloeding. Uiteraard verandert het machtsveld continu, dus moet deze analyse ook continu gemaakt worden. De power cube geeft aan hoe complex lobby- en advocacy-werk is en dat het daardoor niet voor iedereen en iedere organisatie geschikt is. Het is een vak apart.

donderdag 8 november 2012

Verslag discussieavond: Actieve burgers en discriminatie

Dinsdagavond, 7 november 2012,  ging Dr. Paul Tjon Sie Fat in het Lalla Rookh gebouw met de aanwezige bezoekers het gesprek aan over de invulling van burgerschap in geval van discriminatie. De discussieavond was de tweede activiteit van Projekta in het kader van de democratiemaand.   

Citizenship en burgerschap
Hij begon de avond met een korte introductie van diverse begrippen rondom ‘citizenship’. Zo kaartte hij aan dat ‘citizenship’ eigenlijk een relafief nieuw woord is en dat, net als andere nieuwe woorden, moeilijk te vertalen is. Het Engelse woord Citizenship geeft vooral de relatie tussen de persoon en de Staat of associatie van Staten benadrukt. In het Nederlands is ‘citizenship’ vertaald naar burgerschap. Alleen is de Engelse vertaling van burger ‘civilian’ en dat heeft in het Engels weer een geheel andere betekenis.

Omdat burgerschap ingaat op de relatie tussen de burger en de Staat, staan dus niet persoonlijke problemen die iemand moet overwinnen centraal, maar het oppakken van problemen die structureel zijn. Dit werd inzichtelijk toen een aanwezige vertelde over haar vriend uit India, die naar Suriname wilde komen. Hij moest voor zijn Surinaams visum een lange lijst van recente testresultaten overhandigen, waaronder een aids-test . Het was een onredelijke lijst. Zij heeft toen zelf contact gezocht met het ministerie van Buitenlandse Zaken en men heeft kunnen regelen dat hij wel de testen moest ondergaan, maar dat zijn visum daarna niet geweigerd zou worden.  Dat is een persoonlijk probleem, die de vrouw zelf heeft opgepakt. Ze heeft het echter niet daarbij gelaten, en heeft via verschillende manieren, en bij verschillende instanties het probleem aangekaart, via discussies, brieven en persoonlijke gesprekken.  Ze heeft begrepen dat inmiddels de visumvoorwaarden zijn aangepast. Haar acties om om het beleid gewijzigd te krijgen, zijn burgerschapsactiviteiten.

De relatie tussen de burger en de Staat vindt dus niet alleen plaats tijdens verkiezingen of door middel van ‘activisme’. De invulling van ‘citizenship’ of burgerschap kan ook gedaan worden door het schrijven van een brief, praten met beleidsmedewerkers, bundeling in een belangengroep of lobby-werk. Het gaat erom dat burgerrechten – en plichten worden uitgeoefend.  

Discriminatie
Discriminatie is het onrechtmatig maken van onderscheid tussen mensen met als gevolg dat een persoon of groep schade ondervindt. Bij discriminatie is altijd sprake van machtsverschil en sociale ongelijkheid. Je kan onderscheid maken, als het maar geen waardeoordeel heeft en niemand er schade van ondervindt. Niemand vindt het bijvoorbeeld erg dat 60-plussers voorrang krijgen bij een bank. En het is logisch dat op basis van onderscheid, een bedrijf kiest voor de beste werknemer. Het is een ander verhaal als een bedrijf bij twee gelijke kandidaten, de één een man en de ander een vrouw, vanzelfsprekend kiest voor de man zonder dat inhoudelijk goed te kunnen beargumenteren. 

Maar wat als er sprake is van discriminatie, neemt men hun rol als burger op zich? Worden situaties aangekaart? Een bezoekster die actief is binnen de vakbond gaf aan dat zij vaak tegenkomt dat werkgevers mensen met een drugsverleden niet in dienst nemen.  Zij probeert dan werkgevers ervan te overtuigen dat een fout in het verleden, iemand niet altijd mag blijven achtervolgen. Op die manier probeert ze haar burgerschap in te vullen als het gaat om discriminatie. 

Hierna gingen nog verschillende voorbeelden over tafel. Mensen met een bepaalde politieke achtergrond worden onder de ene regering wel aangenomen en bij een andere regering moet men weer verdwijnen. Ook bij sollicitaties in het bedrijfsleven kan politieke achtergrond van invloed zijn op aanname. Discriminatie op basis van politieke achtergrond wordt echter niet  als zodanig erkend in Suriname. 

Tijdens de avond werden ook verschillende vormen van discriminatie tegen vrouwen benoemd. Eén bezoekster gaf aan dat als een man uitloopt, er weinig problemen zijn. Een vrouw die uitloopt en vervolgens wordt mishandeld door haar man, hoeft niet te rekenen op medeleven. Of een zakenvrouw die op bedrijfsbezoek gaat samen met een mannelijke collega. De klant richt alle vragen dan automatisch aan de man, ook over de onderwerpen die hem niet aangaan; de vrouw wordt genegeerd. 

Actief burgerschap in Suriname als gaat om discriminatie?
De zaal was het met elkaar eens dat mensen in Suriname nog te weinig situaties aankaarten bij de betreffende instanties of hun rol als actief burger goed invullen. Sharda Ganga ziet, vanuit haar functie bij Projekta, dat veel mensen individuele dingen meemaken, maar weinig moeite doen om uit te zoeken of zij de enige zijn of dat er meer mensen zoals zij zijn. Ze constateert tegelijkertijd ook dat steeds meer mensen, dwars door politieke kleuren heen, problemen aankaarten. Het onder de aandacht blijven brengen van een probleem en gericht actie ondernemen zijn de volgende stappen. Ze ziet dat er langzaam steeds meer belangengroepen komen, die  hun stem laten horen richting de Staat. "We zijn er nog niet, maar de eerste stappen worden wel genomen." Hiermee werd de tweede discussieavond van stichting Projekta in het kader van de democratiemaand afgesloten.

dinsdag 6 november 2012

Uitnodiging discussieavond: Citizenship en discriminatie

Op woensdag 7 november leidt Dr. Paul Tjon Sie Fat een discussie-avond in het Lalla Rookh gebouw om het begrip ‘citizenship’ nader in te vullen met de aanwezigen. Wat houdt ‘citizenship’ in en hoe kan men hieraan invulling geven? Samen met de aanwezigen wordt bekeken wat de invulling van ‘citizenship’ op dit moment in Suriname is.  

‘Citizenship' is een begrip dat in de jaren ’70 is ontstaan. Er is tot op heden geen goed Nederlands woord voor. Vaak wordt het vertaald als actief burgerschap; het nemen van verantwoordelijkheid voor jezelf en je omgeving. Dit is een zeer brede definitie en geeft niet aan hoe ‘citizenship’ ingevuld zou kunnen worden. Daarom koppelt Dr. Paul Tjon Sie Fat het aan een concreet maatschappelijk probleem, namelijk discriminatie. Op welke wijze speelt discriminatie op basis van klasse, cultuur, ras, buitenlandse afkomst, gender, lichamelijke gebreken en geloof een rol in de Surinaamse samenleving? Wie komt op voor hen die gediscrimineerd worden, wat doet de gediscrimineerde persoon zelf en wat doet de overheid? Door antwoord te geven op deze vragen wordt het begrip ‘citizenship’ nader ingevuld.

De lezing wordt gehouden in het kader van de democratiemaand, georganiseerd door stichting Projekta. Het thema voor deze vijfde editie van de Democratiemaand is Actieve Burgers. De kwaliteit van een democratie is afhankelijk van de inzet van betrokken en actieve burgers. Betrokken en actieve burgers bundelen mensen en werken samen met anderen aan een betere en rechtvaardige samenleving, waarbinnen iedereen erkend wordt. Zij zijn geïnformeerd over hun rechten en verantwoordelijkheden en dragen deze uit. Zij dragen hun kennis en vaardigheden over aan anderen, zodat ook zij geïnformeerd zijn over hun rechten en verantwoordelijkheden en daarnaar kunnen handelen.

In de aankomende periode organiseert stichting Projekta daarom diverse lezingen en trainingen om hierin meer inzicht te geven. Ook wordt er een nieuwsbrief verspreidt.

Paul Tjon Sie Fat is in 2009 gepromoveerd op het onderwerp ‘Moderne Chinezen in Suriname en hun identiteitsvorming’. Hij verzorgt nu colleges op het gebied het culturele studies.