dinsdag 12 januari 2016

Een slecht begin

Dit artikel verscheen eerder in de ‘State of our Democracy 2015’. De gehele nieuwsbrief vindt u hier.


Op 1 september werd Suriname wakker met een kater. De electriciteits- en watertarieven zouden per 15 september met enkele honderden procenten verhoogd zijn en de benzineprijs steeg per direct met 47 cent per liter. Dat er iets in de lucht hing, kon niemand zijn ontgaan. Na maandenlang getouwtrek over de werkelijke stand van zaken van onze financieel-economische situatie, werd het, na de verkiezingsuitslag, langzaamaan duidelijk dat we er niet zo fraai voorstonden als men ons had willen doen geloven.

De financieel-economische situatie is een goede case om na te gaan hoe er gecommuniceerd is met de burgers dit jaar. De wijze waarop de regering hiermee is omgegaan, is veelzeggend over het respect naar burgers toe en over haar vermogen tot communiceren, plannen en beleid maken. De wijze waarop het Financieel Economisch Platform werd ingesteld, en vervolgens opzij geschoven, geeft ook weinig hoop op werkelijke participatie in beleid.

Het Burgerinitiatief voor Participatie en Goed Bestuur stelde naar aanleiding hiervan: Waarachtige participatie betekent ook participatie in besluitvorming. De hoop op een meer open en participatieve wijze van besturen dan we tot nu toe hebben meegemaakt, hoop die het Burgerinitiatief had na gesprekken met de President en zijn vertegenwoordigers, is hiermee behoorlijk geschaad. Naast participatie zijn ook transparantie en rekenschap onderdelen van goed bestuur. In dit geval wordt geen rekenschap afgelegd en is transparantie zoek. Vertrouwen wordt alleen verkregen en versterkt als er openheid van zaken is en er zicht is op structurele verbetering van de financieel-economische situatie. (voor het volledig bericht, klik hier)

Wij presenteren u enkele hoogtepunten, als een (onvolledige) tijdlijn van gebeurtenissen, op basis van de archieven van Starnieuws en de Ware Tijd. In het licht van de devaluatie van de SRD deze afgelopen week, een merkwaardig historisch overzicht.

29 oktober 2014

De president van de Centrale Bank van Suriname (CBvS), Gillmore Hoefdraad, herhaalt dat er geen sprake is van een op handen zijnde devaluatie van de Surinaamse munt. Er is ook absoluut geen sprake van monetaire financiering. De economie is weerbaar en er zijn grote investeringen op komst, de export- en groeivooruitzichten zijn goed, dus is er geen noodzaak daartoe (...) Daarom is het zo kwalijk dat bepaalde hoeken doelbewust en tegen beter weten in een negatief beeld van de economie scheppen en continu het devaluatiespook proberen aan te wakkeren".
29 december 2014 

De economische perspectieven voor het komende jaar zijn volgens president Gillmore Hoefdraad van de CBvS goed. Hoefdraad benadrukt de goede perspectieven die er zijn om uit het financiële dal te komen, volgend jaar. De reserves van het land zijn hem heilig, de economie is gegroeid, valuta-interventies waren nodig om de economie draaiende te houden, rekening houdend met de dip-periode die voorspeld was. Hoefdraad wijst op de internationale situatie, waarbij de goede tijden van de opkomende markten voorbij zijn, maar: “Suriname is op tijd ingesprongen. De zaak is behoorlijk onder controle". Wel zegt hij ook: “Wij moeten waar nodig de tering naar de nering zetten. Wij hebben hele goede jaren gehad, maar die zijn niet oneindig". Maar dan ook weer: De ergste periode is volgens Hoefdraad nu achter de rug. De verwachtingen voor het komende jaar zijn goed.
31 december 2014 
Suriname (...) verwacht een groei van ongeveer 4%. Diverse landen willen in Suriname investeren. Aldus NDP-leider Bouterse op de oudjaarsviering van zijn partij.
22 januari 2015
De Surinaamse economie gaat het komende jaar ondanks grote uitdagingen, een groei doormaken die boven het gemiddelde zal liggen van Zuid-Amerika en het Caribisch gebied, zegt Andy Rusland, minister van Financiën op de nieuwjaarsreceptie van de Vereniging van Economisten in Suriname (VES). Rusland benadrukte dat de staatsfinanciën in orde zijn en legde uit dat de overheid maatregelen treft om de dalende inkomsten het hoofd te bieden. 
24 januari 2015
De president van de CBvS roept de overheid en de bevolking op om de komende tijd beter met geld om te gaan. “De huidige drop in de prijzen van olie en goud kan langer duren dan verwacht, dus zullen we ook ons gedrag moeten veranderen”, zegt Hoefdraad met klem.
24 januari 2015
De valuta-interventies van de CBvS hebben ertoe geleid dat de wisselkoers voor de US-dollar stabiel is gebleven. Devaluatie is daarom totaal niet aan de orde, zegt bankpresident Gillmore Hoefdraad stellig. “Maar het is aan een ieder om mee te helpen en het hoofd koel te houden.” 
31 maart 2015
Minister Rusland van Financiën geeft toe dat er een betalingsachterstand is. Dit is volgens hem altijd zo in het eerste kwartaal van het jaar. Hij verwacht dat in de tweede week van april er veel meer geld in het laatje is om onder andere achterstallige betalingen te verrichten. 
20 april 2015

President Bouterse erkent dat de financiële situatie van het land precair is. Er worden prioriteiten gesteld, de teugels zijn strak aangetrokken.
25 april 2015
Suriname behoudt 'BB-'classificatie van zowel Standards & Poor als Fitch. Minister Rusland van Financien zegt dat de ratings “alle "poeha", die in politiek verband wordt gemaakt rondom de economie, logenstraffen”, en dat "de regering op een verantwoorde manier de tering naar de nering zet naar aanleiding van de fors gedaalde inkomsten uit de mijnbouwsector.”

8 mei 2015
President Bouterse houdt een presentatie over economische perspectieven voor ministers, Assembleeleden, coalitiepartners en de pers, pakweg twee weken voor de verkiezingen. Hij noemt de perspectieven “rooskleurig, ondanks externe schokken”. Gepleegde valuta-interventies waren gerechtvaardigd omdat de deviezenverdiencapaciteit er goed voor staat. "Suriname heeft uitstekende groeivooruitzichten. Bouterse merkt op dat hij met 'precaire financiële situatie' niet heeft bedoeld dat er geen geld is.
20 mei 2015
"Het gaat goed in het land", zei president Bouterse vijf dagen voor de verkiezingen, tijdens een massameeting in het district Coronie.
16 juni 2015
Voor de tweede keer in drie jaar heeft een minister van Financiën collega’s gevraagd de uitgaven van hun ministeries drastisch te beperken.
18 juni 2015
De oproep van minister Rusland om de personeelskosten te drukken, is niet gedaan omdat de overheid kampt met een ernstig geldgebrek. “Het is geen liquiditeitsprobleem, maar het gaat specifiek om de begrotingsruimte die we als regering van het parlement hebben gekregen”, benadrukt hij. De samenleving moet niet de indruk krijgen dat "moni no de", stelt de minister. "Dat is de situatie niet.”
14 juli 2015
“Het worden geen gemakkelijke jaren. Wij gaan harde tijden tegemoet”, zegt President Bouterse na zijn herverkiezing in DNA. Het staatshoofd heeft meegedeeld dat er een platform komt dat nationale issues moet formuleren in een tijdsperspectief. Uit het platform moet een gedragen beleid voortvloeien dat naar prioriteiten zal worden uitgevoerd. De herkozen president schetst een zware recessie die we tegemoet gaan, “een recessie à la 1929.”
16 juli 2015
De regering zal de komende week “heel concrete voorstellen” hebben hoe ze de financieel-economische situatie van het land zal aanpakken. Dat zei NDP-woordvoerder Winston Lackin. De monetaire autoriteiten presenteerden de stand van zaken omtrent de huidige staatsfinanciën en de internationale financieel-economische en monetaire ontwikkelingen die zich momenteel voordoen aan vertegenwoordigers van de partijen die deel zullen uitmaken van de coalitie. Het is vrijwel zeker dat de Sociaal Econische Raad wordt gereactiveerd.
18 juli 2015
Zaterdag hebben Hoefdraad en minister Rusland hun presentatie gehouden voor de vakbeweging. Zij gaven aan dat het niet om een doemscenario gaat, maar er dienen maatregelen getroffen te worden om de situatie te overbruggen.
22 juli 2015
De NDP-toppers André Misiekaba en Amzad Abdoel vinden dat er een verkeerd beeld wordt gegeven door sommigen over de financiële situatie van het land. "Het is geen doembeeld, er worden allerlei donkere wolken gepresenteerd", zei Misiekaba tegen journalisten. Misiekaba benadrukte dat de governor diverse malen heeft gesteld dat er geen devaluatie op komst is.
26 juli 2015
Het Financieel Economisch Platform (FEP) wordt maandagavond geïnstalleerd door president Bouterse. Woordvoerder van de presidentiële commissie, Winston Lackin, deelt mee dat het Platform van korte duur is. Het gaat om adviezen aan de president over te nemen financieel-economische maatregelen op korte termijn.  Nadat het FEP zijn werk heeft gedaan, zullen de bestaande instellingen intussen in werking zijn. Lackin denkt onder andere aan de Sociaal Economische Raad (SER), de Planraad, het Planbureau en vanuit de vakbeweging is opgemerkt dat het Tripartiet Overleg er ook is. Het FEP zal een korte levensduur hebben en is in dit stadium nodig.
28 juli 2015
Het FEP dat maandagavond geïnstalleerd is door president Bouterse, moet op 31 juli al komen met de eerste adviezen.
31 juli 2015
Het FEP heeft meer tijd nodig om het eerste advies uit te brengen. De leden van het FEP willen informatie over bezuinigingen die de regering moet doorvoeren. Woordvoerder Winston Lackin zegt dat nadat het advies binnen is, bekeken zal worden door de president en de monetaire autoriteiten welke prioriteiten er gesteld zullen worden. Tijdens de jaarrede die de president in De Nationale Assemblee zal houden, zal hij gedetailleerd ingaan op het beleid en de maatregelen.
3 augustus 2015
Het FEP rondt het advies aan de president vandaag af. Een van de zaken waar de regering wil bezuinigen, is het geven van subsidies aan de Energie Bedrijven Suriname (EBS) en de Surinaamsche Waterleiding Maatschappij (SWM). Het advies wordt maandag aangeboden.
4 augustus 2015
Henk Naarendorp, coördinator van het FEP overhandigde op 3 augustus het eerste advies aan President Bouterse. De maatregelen die zijn voorgesteld zullen ter harte worden genomen. Het moeizaam verworven sociaal pakket zal moeten worden verdedigd, benadrukte Bouterse. De maatregelen zullen zodanig getroffen worden dat mensen die vaak lijden bij hervormingen, niet de eerste zijn die worden bezwaard. Op korte termijn zal de president de uitvoering van de maatregelen bespreken met het FEP.
1 september 2015
Per 1 september zal er een 'Solidariteitsheffing' van 40 cent extra worden gevraagd op de prijs per liter benzine en diesel. De elektriciteits- en watertarieven worden per 15 september aangepast. Dit besluit is maandagavond genomen door de Raad van Ministers en in de nacht bekendgemaakt door het ministerie van Financiën. Het gaat om maatregelen ter verhoging van de inkomsten en om efficiëntie van de nutsvoorzieningen. 
2 september 2015
Diverse leden van het FEP vinden dat de regering voorstellen door hen gedaan, naast zich neergelegd heeft. De regering deelt in het persbericht mee dat rekening gehouden is met het advies van de sociale partners bij het doorvoeren van deze maatregelen. Nadat het rapport ingediend is bij president Bouterse, is er geen bijeenkomst meer geweest om verder te praten over de voorstellen.
5 oktober 2015
Hoewel de nieuwe tarieven voor elektriciteit en water per 1 oktober zijn ingegaan, zijn de exacte prijzen nog niet vastgesteld. Bij de rekening van half september tot half oktober zal het nieuwe tarief merkbaar zijn. Het bedrijfsleven is het niet eens met de berekening van de kostprijs voor grootverbruikers.

7 oktober 2015
De nieuwe tarieven voor elektriciteit en water gaan per 15 oktober in. Dit in tegenstelling tot wat eerder is doorgegeven door president Bouterse en minister Regilio Dodson van Natuurlijke Hulpbronnen (NH). 
Minister Dodson heeft vandaag meegedeeld aan de DNA-commissie Natuurlijke Hulpbronnen dat morgen bekendgemaakt zal worden wat de tarieven zijn.
8 oktober 2015
Minister Regilio Dodson van NH heeft aangegeven dat het basistarief voor elektriciteit 58 cent is en voor water SRD 5,24/m3. De subsidie zal gefaseerd worden afgebouwd.
11 oktober 2015
Minister Gillmore Hoefdraad van Financiën heeft op vragen van VHP-fractieleider Chan Santokhi en diens partijgenoot Asiskumar Gajadien toegegeven dat uitgaven van de overheid monetair gefinancierd zijn. Minister Hoefdraad zei dat het om een overmachtssituatie ging, waardoor monetair gefinancierd is. Er was SRD 1,4 miljard aan openstaande schulden. Het gaat om een de kortlopende schuld van SRD 535,7 miljoen. Er was een overtrekking van SRD 880,1 miljoen die was op de werkrekening en verder 93,5 miljoen van de langlopende rekening nog open. Hij merkte op dat er gewerkt moet worden aan de Bankwet, en dat hij als minister van Financiën nu, de wijziging van de Bankwet volledig zal ondersteunen.
18 november 2015 
Met ingang van vandaag is de wisselkoers voor de USD aangepast. De SRD is hiermee gedevalueerd met ongeveer 20 procent.


Wilt u meer lezen over de staat van onze democratie in 2015? Lees dan ook de andere artikelen van de ‘State of our Democracy’ nieuwsbrief.

vrijdag 25 december 2015

Jongeren Sophia’s Lust in onderhandeling met ministeries

“Ik schrijf alles op, zodat ik bewijs heb”, aldus Sedrick van 16 jaar. Zo jong als ze zijn, en totaal nieuw in het onderhandelen met beleidsmakers, toch kennen deze jongeren het principe van accountability al zeer goed. Alles wat hen beloofd is door dienstverleners en beleidsmakers tijdens de Rondetafel bijeenkomst van afgelopen zaterdag 28 november, hebben zij vastgelegd. Op deze manier kunnen zij de volwassenen wijzen op hun beloftes en hen verplichten deze na te komen.

Met deze Rondetafel bijeenkomst maakte PROJEKTA de cirkel rond. Een jaar geleden begonnen wij te werken op Sophia’s Lust. De eerste sessie (in de vorm van een filmavond) vond plaats in de kerk ‘God’s Rivier’ op het project. Hier werd ook de laatste bijeenkomst, de Rondetafel dus, georganiseerd.  

Tijdens de Rondetafel komen jongeren, lokale en nationale dienstverleners en beleidsmakers van diverse ministeries bij elkaar, om oplossingen te vinden voor problemen die het leven van jongeren betreffen. Sophia’s Lust is de tweede pilot-locatie van het programma Working together for Adolescent Development in Suriname”. Dit programma is participatief. Dat wil zeggen: de jongeren en alle mensen die met jongeren te maken hebben, moeten zelf kunnen zeggen wat ze nodig hebben, en hoe er met ze moet worden omgegaan. Ze moeten ook zelf in de gaten houden of iedereen zijn werk goed doet en zijn afspraken nakomt. Dit wordt ‘monitoring’ genoemd.

Participanten waren onder andere mensen werkzaam op de ministeries van ‘Transport, Communicatie en Toerisme’, ‘Onderwijs, Wetenschap en Cultuur’ en ‘Sport- en Jeugdzaken’. UNICEF was ook aanwezig, want zij ondersteunt dit programma dat PROJEKTA in opdracht van de Presidentiële Werkgroep voor Integraal Kinder- en Jeugdbeleid uitvoert.

Sophia’s Lust versus Moengo
De eerste pilot-locatie was Moengo, daar begon PROJEKTA in 2014 met dit programma. Toen PROJEKTA begin dit jaar begon te werken op Sophia’s Lust, kwamen wij er al gauw achter dat het alles behalve hetzelfde was als Moengo. Belangrijke verschillen bleken dat er minder sprake is van een ‘gemeenschapsgevoel’, er zijn minder lokale dienstverleners, de aanwezige dienstverleners wonen niet allemaal in het gebied, er zijn geen jongerenorganisaties, er wordt minder gebruik gemaakt van e-mail en zowel de jongeren als volwassenen zijn slechter telefonisch bereikbaar.

Net als in Moengo bleek het een uitdaging om de jongeren aan ons te binden. Van diegenen die we tijdens de eerste meeting ontmoetten, bleven er enkelen komen. Rondlopen op het project en met voorbijgaande jongeren te kletsen bleek een effectievere aanpak om jongeren te enthousiasmeren voor trainingen. Naast het versterken van de kennis en capaciteiten van de jongeren, wilde PROJEKTA er tijdens de trainingssessies achter komen wat de belangrijkste problemen van de jongeren zijn en welke oplossingen zij zelf graag zien.

Het resultaat van deze dag is het Actieplan Jongeren Sophia’s Lust. Hierin staat de geplande acties op het gebied van geweld en drugs (Recht op Veiligheid); vroege schoolverlaters en gebrek aan vaktrainingen (Recht op Onderwijs); tienerzwangerschappen (Recht op Gezondheid); en onvoldoende mogelijkheid tot sportieve en culturele activiteiten (Recht op Recreatie).
Het gehele Actieplan kunt u hier bekijken.

Een week later vond ook de Rondetafel van Moengo plaats. Lees hier het verslag van deze bijeenkomst.

Lees in de volgende blogartikelen meer over de activiteiten die PROJEKTA met de jongeren van Sophia’s Lust ondernam:

maandag 21 december 2015

Jongeren in Moengo onderhandelen over hun toekomst

Nieuwe schoolboeken, sporttrainers voor naschoolse activiteiten, toegang voor een ieder tot het zwembad dat staat op het (Suralco) Stafdorp, een mediatheek, meer voorlichting over veilige seks, meer politiesurveillance, en een schoolbus zonder gaten in de vloer en in het dak zodat “we niet met paraplu’s hoeven te zitten als het regent”.

Op zaterdag 5 december gingen jongeren van Moengo over deze en andere wensen in onderhandeling met lokale en nationale dienstverleners: mensen, organisaties en instanties die werken voor en met jongeren. Onder de aanwezigen waren afgevaardigden van de ministeries van ‘Binnenlandse Zaken’, ‘Onderwijs, Wetenschap en Cultuur’, ‘Regionale Ontwikkeling’ en ‘Sport- en Jeugdzaken’. UNICEF was ook aanwezig, want zij ondersteunt dit programma dat PROJEKTA in opdracht van de Presidentiële Werkgroep voor Integraal Kinder- en Jeugdbeleid uitvoert.

Het programma is participatief. Dat wil zeggen: de jongeren en alle mensen die met jongeren te maken hebben, moeten zelf kunnen zeggen wat ze nodig hebben, en hoe er met ze moet worden omgegaan. Ze moeten ook zelf in de gaten houden of iedereen zijn werk goed doet en zijn afspraken nakomt. Dit in de gaten houden heet “monitoring”.

De “onderhandeling” van 5 december heette een Rondetafel en werd gehouden in de Recreatiehal bij het Moengo Stadion. Anderhalf jaar geleden vond hier ook de eerste Rondetafel bijeenkomst plaats. Destijds was de hal afgeladen met jongeren en volwassenen van Moengo. Het resultaat was een enorme wensenlijst waarvan lang niet alles realiseerbaar (b)leek te zijn. Ditmaal nodigden wij alleen de jongeren en lokale dienstverleners uit die het afgelopen jaar met ons gewerkt hebben. De trainingen die wij het heel jaar door verzorgden, hebben duidelijk hun vruchten afgeworpen. De jongeren wisten goed onder woorden te brengen waar zij behoefte aan hebben. Ondanks dat het spannend en wat onwennig blijft om als gelijkwaardigen met volwassenen in gesprek te gaan, beviel dit zowel de jongeren als de aanwezigen erg goed. De lokale dienstverleners hebben “hun” jongeren het afgelopen anderhalf jaar zien groeien. De nationale dienstverleners waren onder de indruk van de mondigheid van deze jongeren. PROJEKTA is uiteraard erg trots.

De uitkomst van de Rondetafel bijeenkomst is het Actieplan Moengo Jongeren 2016.
De volgende problemen bleken ook dit jaar nog het belangrijkst om aan te pakken: geweld en drugs; vroege schoolverlaters en gebrek aan vaktrainingen; tienerzwangerschappen; en onvoldoende mogelijkheid tot sport, cultuur en andere vormen van recreatie.
Dat betekent dat jongeren niet volop gebruik kunnen maken van respectievelijk de volgende rechten: recht op veiligheid; recht op onderwijs; recht op gezondheid; en recht op recreatie (waaronder sport en cultuur).

Bent u benieuwd welke wensen de jongeren hebben en welke beloftes de lokale en nationale dienstverleners hebben gemaakt, leest u dan hier het volledige Actieplan.

Naast het Actieplan 2016 is er nog een belangrijk document opgesteld in samenwerking met de jongeren en volwassenen van Moengo: een rapportage van de monitoring van het Actieplan 2014/2015. In deze rapportage staat of, door wie en hoe de acties van het eerste Actieplan zijn uitgevoerd. Ook staan hier de uitgevoerde activiteiten in welke op de Moengo Kalenders stonden en de projecten die door UNICEF financieel worden ondersteund, met behulp van PROJEKTA zijn opgesteld, onder begeleiding van de PAS worden uitgevoerd.
In totaal zijn er de afgelopen periode 59 activiteiten voor jongeren in Moengo gerealiseerd. U kunt hier het volledige rapport lezen.

Wilt u meer lezen over de activiteiten en trainingen die PROJEKTA heeft gegeven in Moengo, lees dan de volgende artikelen:


dinsdag 1 december 2015

Basistraining Publiciteit


Culturele en sportactiviteiten dragen bij aan het vormen van assertieve, proactieve en creatieve mensen. Meer bekendheid over de activiteiten van buurt– sport en cultuurorganisaties zal de aandacht trekken van o.a. beleidsmakers. Deze verhoogde aandacht kan erin resulteren dat er meer geïnvesteerd wordt in sport- en cultuuractiviteiten. Hierdoor kunnen steeds meer jongeren het recht op sport en cultuur beleven.

Om organisaties de tools aan te reiken om meer bekendheid te geven aan de activiteiten van de organisatie organiseren wij de basistraining Publiciteit. Leer hoe je persberichten, krantenadvertenties en teksten voor radiospotjes kunt schrijven. Maar ook hoe je social media optimaal kunt inzetten voor meer bekendheid van je organisatie. De training wordt verzorgd door Spang Makandra.

Wie mogen meedoen?
Personen verbonden aan buurt- , jongeren-, sport en/of
culturele organisaties.

Waar en Wanneer is het?
Zaterdag 12 december, 9.00u– 17.00u, Universiteits Computer Centrum, 
Anton de Kom Universiteit.

Wat kost het?
Deelname aan de training kost SRD 20 per persoon.

De training gaat door bij een minimaal aantal van 15 personen.
Er is een beperkt aantal plaatsen beschikbaar.
Als er meer aanmeldingen zijn, vindt er een selectie plaats.

Interesse voor deelname?
Klik hier voor het registratieformulier.
De aanmelding sluit op dinsdag 8 december.


Onafhankelijk orgaan nodig voor transparantie m.b.t. de inkomsten uit onze natuurlijke hulpbronnen

Dit zei minister Regillio Dodson van het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen op donderdag 19 november tijdens de vierde activiteit van Projekta in het kader van de 8e Democratiemaand. Hier een samenvatting van deze activiteit.

Het is een gegeven dat er in landen die beschikken over natuurlijke hulpbronnen, armoede is onder grote delen van hun bevolking. Dit is ook in Suriname het geval. Deze armoede wordt in de meeste landen veroorzaakt door onder andere slechte economische planning, slecht management van de inkomsten uit deze sector en corruptie. Dit fenomeen wordt de resource curse genoemd. Betere processen en transparantie werden door de sprekers als mogelijke oplossingen aangedragen.

De eerste spreker was Roger Hosein, econoom en senior docent en onderzoeker aan de University of the West Indies op Trinidad. Hosein gaf de aanwezigen inzicht in hoe de resource curse zich in Trinidad en Tobago heeft gemanifesteerd. De inkomsten uit de natuurlijke hulpbronnen (gas en aardolie) stegen, maar deze zijn niet op de juiste wijze geïnvesteerd en er is ook niet gespaard.
Vanuit zijn ervaring in Trinidad en Tobago waarschuwde hij voor het op grote schaal, verhogen van subsidies. ‘Dit maakt mensen lui, met als gevolg een verlaging van de productiviteit’. Volgens Hosein moet de verleiding om zaken zoals educatie zonder restricties beschikbaar te stellen aan een ieder, weerstaan worden. In Trinidad en Tobago waar dit het geval is geweest, is de plank totaal misgeslagen, omdat bij evaluatie is gebleken dat deze subsidie niet de behoeftige mensen tegemoet kwam, maar stedelingen en de rijken. Ook de neiging om ongebreidelde toezeggingen voor loonsverhogingen tedoen, is een potentiële valkuil. Deze lonen kunnen vaak op lang termijn niet gehandhaafd worden. Loonsverhogingen zorgen ook voor een verhoogd consumptiepatroon. “Consumptiepatronen zijn heel moeilijk om terug te draaien”, was de kritische noot van Hosein.

Verlaging van de werkgelegenheid en productie in de agrarische en manufacturen sector en verhoging van werkgelegenheid in de service sector (die geen inkomsten in vreemde valuta opbrengt), is iets om voor te waken.

Na de uiteenzetting van de resource curse en de valkuilen die zich kunnen voordoen was het tijd om na te gaan wat er gedaan zou kunnen worden om de corruptie die gepaard gaat met inkomsten uit natuurlijke bronnen, tegen te gaan. Victor Hart ging in op hoe de EITI hier een oplossing in brengt. Hart is is een bekende voorvechter van transparantie en goed bestuur, en is al 5 jaar voorzitter van de Tripartite Stuurgroep die belast is met de uitvoering van de EITI (Extractive Industries Transpanercy Initiative) in Trinidad.

De EITI is een wereldwijd initiatief dat in 49 landen in de wereld bestaat. Doordat overheden in landen die lid zijn van de EITI een verplichting hebben om te publiceren hoeveel belasting overdrachten zij hebben ontvangen van de multinationals die opereren in hun land en de bedrijven ook de verplichting hebben te publiceren hoeveel zijn aan belastingen hebben afgedragen aan de staat, ontstaat er transparantie. Een onafhankelijke accountant vergelijkt de rapportages om na te gaan of er verschillen zijn. Bij eventuele verschillen wordt onderzoek ingesteld. In Trinidad en Tobago zijn naar aanleiding van de bevindingen van zo een onderzoek zelfs personen berecht.

In dit systeem overziet een onafhankelijke Multi- stakeholder commissie het geheel. Zij publiceren, in begrijpelijke taal, de inkomsten uit de sector. Volgens Hart is het mooie van dit systeem dat informatie die vroeger als confidentieel (alleen voor de overheid bestemd) werd beschouwd nu toegankelijk is voor een ieder. ‘Men [de overheid] is er bewust van geworden dat de natuurlijke hulpbronnen van de burgers zijn, dus zij moeten inzage hebben’, aldus Hart. Deze bewustwording is echter pas op gang gekomen toen het maatschappelijk middenveld dit tot een punt van discussie maakte en het eiste. Dus, ook voor civil socety in Suriname is een taak weggelegd om bij de overheid aandringen dat zij het lidmaatschap aan de EITI moeten aanvragen. Maar waarom zou de overheid dit moeten doen?

Volgens Hart trekt het voldoen aan best practices, zoals de EITI-richtlijnen, internationale investeringen aan. Verder wordt corruptie verminderd en krijgt het land meer inkomsten uit de sector omdat de mazen in het systeem worden gedicht.

De derde spreker was Conrad Enill, deskundige op het gebied van energie-aangelegenheden en internationale financiering, en gewezen Minister van Financiën en Minister van Energie op Trinidad & Tobago.
Enill gaf in zijn bijdrage het perspectief van een politicus aan, en stelde dat – anders dan dhr. Hosein en andere economen het graag zien – politici de inkomsten uit de sector het liefst re-distribueren onder het volk. ‘Het volk vraagt een heleboel tijdens de verkiezingen en de enige manier om aan de macht te komen, is als je ze dat belooft. Als ze je hebben gekozen, verwachten ze dat je dat waarmaakt. Dat doe je dan ondanks het misschien niet economisch verantwoord is, want anders wordt je niet meer gekozen’. Het volk moet dus realistischere eisen stellen.

Volgens Enill kan de EITI de minister helpen om vragen over corruptie bij ontvangen belastingafdrachten, te beantwoorden, onderbouwd door data. De informatie verkregen uit de EITI rapporten geeft een land inzicht over waar ze staan. Weten waar je staat en weten waar je naar toe wil als land en met de sector maakt onderhandelen met multinationals makkelijker. Verder krijgt een land internationale goedkeuring als het voldoet aan een bepaalde standaard.

Enill plaatste de kritische noot voor beleidsmakers. ‘Terwijl je het geld verdient, moet je een discipline opbrengen om je productiviteit te blijven vergroten en je competetive edge te behouden. Je moet sparen en investeren in infrastructuur (kapitale investeringen)’.

Minister Dodson, die na de presentaties van de 3 sprekers ook een bijdrage deed, gaf aan het eens te zijn met het gepresenteerde. Zeker vanuit zijn achtergrond als econoom onderschreef hij het bestaan van de aangehaalde valkuilen. Hij gaf verder aan het belangrijk te vinden in Suriname een EITI te hebben en zich er sterk voor te zullen maken. Hij geeft aan het maatschappelijk middenveld, waarvan Projekta een deel is, te zien als een partner in het proces van het opzetten van de EITI.
Tijdens de vragen- en discussieronde is naar aanleiding van een vraag ook duidelijkheid gekomen in wat tot de extractive industries behoort. Behalve mineralen, behoren de visserijsector, de bosbouw, maar ook water tot de natuurlijke hulpbronnen. Het EITI proces kan dus op al deze sectoren van toepassing zijn.

Ook de bezorgdheid over het gebrek aan richtlijnen voor de individuelen en kleine bedrijven die opereren in de sector is ter sprake gekomen. De grote multinationals zijn gebonden aan vastgestelde regels, dus dat is niet zo een zorgpunt werd gesteld vanuit de zaal, maar de individuen en de kleine bedrijven houden zich niet aan standaarden. En daar moeten wij ons eigenlijk zorgen over maken. ‘Multinationals zijn toch corrupt ondanks hun strikte reguleringen. Je kan er niet op vertrouwen dat de companies eerlijk zijn. Wij moeten erop toezien dat ze zich houden aan de regels’ reageerde dhr. Enill. Minister Dodson gaf aan dat er plannen zijn om de capaciteiten van de kleine bedrijven te versterken, om hun ownership in dit proces te ontwikkelen. Daarnaast zullen onder ander een environmental management entiteit en health, safety and security richtlijnen ontwikkeld moeten worden.

Met de vraag over hoe in Trinidad en Tobago ervoor gewaakt wordt dat de Multi-stakeholder commissie in het EITI proces onafhankelijk is en blijft, werd het formele deel van de avond afgesloten.

Het antwoord: “De commissie bestaat uit evenveel vertegenwoordigers van de overheid, de private sector en zeer actieve maatschappelijke organisaties. De maatschappelijke organisaties zijn de waakhonden van het proces”. 

donderdag 26 november 2015

Regeringsverklaring, mysterieuze zaken, transparantie, de State of our Democracy Nieuwsbrief 2015!

Op 23 november sloten we de 8ste Democratiemaand af. En ook dit jaar werd toen de State of our Democracy Nieuwsbrief gelanceerd - alweer de 6e editie!

In deze nieuwsbrief kijken we terug op een aantal facetten van onze democratie, en van democratie in het algemeen.

Een tijdlijn over de communicatie rond de financieel-economische situatie maakt gebrek aan transparantie en rekenschap pijnlijk duidelijk, de zoektocht naar een visie in de Regeringsverklaring kostte enige moeite, maar leverde onverwachts resultaat. Een facebook-oproep leverde een lange lijst van mysterieuze zaken waar burgers graag klaarheid in zouden willen - de nood aan een Wet Openbaarheid van Bestuur wordt hiermee gedemonstreerd. Maar waar zou zo een wet aan moeten voldoen? Suriname kreeg een stevige to-do lijst van de mensenrechtencommissie en een paar stevige tikken op de vingers; we zetten die te doenlijst op een rijtje. Verder ook aandacht voor de beleving van LGBT rechten en de aanstaande verkiezingen in de Kamer van Koophandel en Fabrieken. En nog zoveel meer!

Lees de nieuwsbrief hier.

zaterdag 21 november 2015

dWT: Dodson voorstander transparantie mijnbouwinkomsten

Door: Ivan Cairo

Roger Hosein (UWI). Foto: Stefano Tull
Het is in het belang van de overheid en de burgerij dat er transparantie komt over de inkomsten van het land uit mijnbouwactiviteiten. Suriname zou zich daarom moeten aansluiten bij het Extractive Industries Transparency Initiative (EITI). Minister Regilio Dodson van Natuurlijke Hulpbronnen loopt hier warm voor.
Dit onafhankelijke orgaan ziet erop toe dat bedrijven de juiste afdrachten plegen aan overheden. Ook wordt erop toegezien dat de overheden correct registreren en naar het publiek rapporteren wat er van de maatschappijen is ontvangen. Dat kwam donderdagavond in het Courtyard by Marriott naar voren tijdens een lezing van Stichting Projekta.

Na verschillende presentaties van een delegatie uit Trinidad en Tobago zei de bewindsman zich ervoor te zullen inzetten dat Suriname lid wordt van EITI. In zijn presentatie ging de econoom Roger Hosein in op de problemen waarmee Trinidad geconfronteerd werd toen de olie- en gasinkomsten binnenstroomden. Behalve dat er sprake was van grootschalige verspilling van middelen door de overheid, was er ook veel ruimte voor corruptie. Hosein merkte op dat door de hoge inkomsten uit de olie- en gasindustrie veel onevenwichtigheden zijn ontstaan in de Trinidadiaanse economie.

Ex-minister van Natuurlijke Hulpbronnen en Financiën van Trinidad Conrad Enil gaf aan dat hij aanvankelijk geen voorstander was van de toetreding van het land tot EITI. Hij vond het onacceptabel dat belastinginformatie van bedrijven openbaar werd. Uiteindelijk ging hij overstag nadat duidelijk bleek welke voordelen het land zou hebben.

Reagerend op de presentaties zei minister Dodson dat Suriname zowel politiek als economisch voordeel zal hebben als lid. Het lidmaatschap zal ervoor zorgen dat de bedrijven die hier opereren, zich houden aan de door de overheid vastgestelde regels. Ook zal het ervoor zorgen dat de staat krijgt wat haar toekomt. De bewindsman legde uit dat er nu initiatieven worden ondernomen om betrokkenen in de kleinschalige goudsector zover te krijgen dat ze als bedrijf opereren. "We willen geen stichtingen. Ze moeten NV's worden", zei Dodson.

Bron: De Ware Tijd, 21 november 2015

vrijdag 20 november 2015

Afsluiting 8e democratiemaand:“Naar effectieve participatie in besluitvorming”










Op maandagavond 23 november aanstaande, organiseren Projekta en het Burgerinitiatief voor Participatie en Goed Bestuur, de laatste activiteit in het kader van de 8ste Democratiemaand.

Er is een steeds luidere roep vanuit de gemeenschap is, om op een zinvolle, effectieve manier betrokken te zijn en blijven bij het formuleren, uitvoeren en monitoren van beleid. In de moderne ontwikkelingsbenadering zijn substantiële participatie, ownership en zeggenschap van mensen in besluiten die hun leven bepalen, als basisprincipes erkent en vastgelegd. Het Burgerinitiatief presenteert een model voor structureel nationaal overleg (voor planning), en een pad (proces) naar een breed gedragen nationale ontwikkelingsvisie.


“Naar effectieve participatie in besluitvorming”’
Datum: maandag 23 november, 2015
Tijd: 19.00u (inloop vanaf 18.30u)
Plaats: Ballroom Lalla Rookh, Geb. 2
De toegang is vrij!

We presenteren die avond ook de 6e State of Democracy Nieuwsbrief.

Natuurlijk hopen we dat u samen met ons deze 8ste Democratiemaand komt afsluiten!


Het Burgerinitiatief is een collectief van maatschappelijke organisaties en individuele burgers die pleiten voor een inclusieve ontwikkelingsagenda, waarbij de principes van een mensenrechtenbenadering van ontwikkeling centraal staan. Deze principes omvatten o.a. participatie en inclusiviteit, non-discriminatie en gelijkheid, rekenschap en rechtsstaat. De benadering gaat uit van de universaliteit, onvervreemdbaarheid, ondeelbaarheid en interrelatie van mensenrechten. Zonder goed bestuur is het onmogelijk dat burgers hun rechten kunnen beleven. Het Burgerinitiatief is ontstaan op initiatief van Stichting PROJEKTA.

Democratiemaand 2015 wordt georganiseerd in het kader van het Burgerinitiatief voor Participatie en Goed Bestuur. Voor meer informatie over het Burgerinitiatief, ga naar www.facebook.com/BurgerinitiatiefSR. Wilt u onze beleidsprioriteiten teruglezen? Klik dan hier: http://projekta-suriname.blogspot.com/2015/05/burgerinitiatief-wij-zijn-burgers-van.html