Posts tonen met het label Europese Unie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Europese Unie. Alle posts tonen

zaterdag 19 september 2020

Hoor ons nu: Helene van Stichting Mama Joyce

Tijdens de virtuele presentatie van de 'Prioriteiten tegen Geweld' op donderdag 10 september, vertelde een aantal community organisaties over wat zij nodig hebben om meer te betekenen in de strijd tegen huiselijk en seksueel geweld, inclusief geweld tegen kinderen.

Hier is het verhaal van Helene Frijde, van Stichting Mama Joyce, waar opvangtehuis Eklesia te Commewijne deel van uitmaakt. 

(De Prioriteiten Tegen Geweld zijn voortgekomen uit het Hear Us Now programma dat Projekta uitvoerde met financiering van de EU. Lees er hier meer over. 

Helene Frijde tijdens de Human Rights seminar in 2019
Mijn naam is Helene Frijde van stichting Mama Joyce. Ik ben vrijwilliger verbonden aan een kindertehuis voor de opvang van voornamelijk meisjes. Het tehuis is in Commewijne, maar de kinderen komen van overal uit het land. De meisjes hebben verschillende traumatische ervaringen meegemaakt, waaronder ook seksueel geweld. Ondanks alles wat de meisjes meegemaakt hebben, heeft het overgroot deel van de meisjes prachtige schoolresultaten. En ook dit jaar hebben ze hele mooie overgangsrapporten en slagingsresultaten, dus daar zijn wij ook het schoolteam zeer dankbaar voor, voor de extra begeleiding die ze onze meisjes geven.

Wanneer de meisjes bij ons binnenkomen, hebben ze heel veel meegemaakt. Ik ga daar nu even kort over uitweiden. Ik verontschuldig mij alvast voor de voorbeelden die schokkend kunnen overkomen.

Eén van de knelpunten waar het tehuis mee kampt, is het betalen van de kosten die gepaard gaan met de medische zorg van de lichamelijke trauma’s die de meisjes opdoen als gevolg van seksueel geweld.

Een voorbeeld is het geval van de drie zussen die door een sociaalwerker bij ons zijn gebracht zonder een dokterskaart. Twee van de zussen hebben een aantal keren een zwangerschap moeten verwijderen, waarbij wat mis is gegaan. Deze meisjes moesten onder behandeling en er moest voor hen worden betaald. Zonder dokterskaart betekent dat de kosten zijn betaald uit de pot van kindertehuis Ekklisia.

Een ander voorbeeld is een meisje dat met spoed vervoerd moest worden naar de Eerste Hulp vanwege ernstige letsels als gevolg van seksueel misbruik. De ambulancekosten, inclusief de drempelkosten zijn het kindertehuis in rekening gebracht.

Een van de grootste obstakels is dan ook het in orde maken van de basiszorgverzekeringen van de kinderen. Zeker voor de groep die door de verschillende overheidsinstanties naar ons worden gebracht. Van deze groep hebben wij bijvoorbeeld geen familieboek om de kaart aan te kunnen vragen. Wij zouden al een heel stuk geholpen zijn als er bij de afdeling Jeugdzorg van het Ministerie van Sociale Zaken een loket is, waar wij terecht konden. Dat er daar dan medewerkers zijn die als taak hebben te listen welke documenten wij nodig hebben van het kind, en deze binnen een termijn van twee maanden in orde maken, en deze aan ons overhandigen- of die zelf zorgen voor de kaarten. Dat de afspraak is: als je een kind voor ons brengt, moet je ook de bazo-kaart voor ons brengen.

Het kindertehuis krijgt op dit moment geen overheidssubsidie. De laatste keer dat de leiding hiertoe een poging gewaagd heeft, is aangegeven dat het kindertehuis niet voldoet aan de voorwaarden. Maar ook na de afwijzing zijn er vanuit overheidsinstanties kinderen bij ons geplaatst. Je kunt je dan afvragen waarom wij blijkbaar wel voldoen aan de eisen van de Staat om slachtoffers op te vangen, maar wij niet goed genoeg zijn om van diezelfde Staat subsidie te ontvangen. Voor een kindertehuis als de onze is ondersteuning van de overheid om te kunnen voldoen aan de subsidievoorwaarden zeer welkom.

Begrotingstingstekorten van overheden en ministeries zijn ook bij ons bekend. Wij weten wat het is om met beperkte middelen te moeten werken, wij doen dit elke dag in het kindertehuis. Maar niet alle oplossingen vereisen meer geld. Wij hebben in het kindertehuis kinderen die langdurig bij ons verblijven, en waar bijvoorbeeld de kinderbijslag niet naar het kindertehuis komt, maar naar de ouders. In sommige gevallen dus: die ouders die ze hebben mishandeld of misbruikt. Wij vragen daarom om alvast deze aanpassing door te voeren, waarbij het geld niet naar de ouders gaat, maar op de rekening van de kindertehuizen terecht komt. Het is dus niet per se meer geld, maar een andere, doeltreffendere besteding van het geld.  


donderdag 17 september 2020

Hoor ons nu: Andy van Santostars

Tijdens de virtuele presentatie van de 'Prioriteiten tegen Geweld' op donderdag 10 september, vertelde een aantal community organisaties over wat zij nodig hebben om meer te betekenen in de strijd tegen huiselijk en seksueel geweld, inclusief geweld tegen kinderen.

Hier is het verhaal van Andy Bandison, van Santostars, die voetbalcoach is van kinderen op Santodorp.

(De Prioriteiten Tegen Geweld zijn voortgekomen uit het Hear Us Now programma dat Projekta uitvoerde met financiering van de EU. Lees er hier meer over.)

Mijn naam is Andy Bandison. Ik ben van de organisatie Santostars. Ik ben eigenlijk voetbalcoach van jongens en meisjes in van Santodorp. Voor deze hele Covid-situatie was ik elke zaterdag en zondag op het veld in Santodorp te vinden met de jongens en meisjes van de buurt. Wat wij proberen te doen, is dat wij voetbal gebruiken om de jongens en de meisjes te laten zien dat het anders kan dan de voorbeelden van bijvoorbeeld agressief gedrag die ze in de buurt zien. Er zijn afspraken, bijvoorbeeld over gedrag, waarvan wij ze leren dat ze op het veld gelden, maar ook buiten het veld. En ik woon ook zelf daar, dus ik kom mijn pupillen vaak tegen, dus kan ik ze ook buiten het veld op bepaalde dingen wijzen. En dan geef ik ze even een reminder van eej, je weet wat onze afspraak is toch.

Wij zijn dus in de buurt bezig met de jongeren. Zo ook met dat deel van huiselijk geweld. Een van de dingen die mij opvalt, en nu met al die Covid tori, is dat in de afgelopen twee maanden ik heb meegemaakt dat zeker drie moeders en hun kinderen door de vader het huis uit zijn gezet, en nergens hebben om naar toe gaan.

Eén van de gevallen die pas gebeurd is, is van een moeder die door Covid haar werk verloren heeft. Die man is nu enige kostwinnaar, en dat ding wordt dan een beetje zwaar voor die man. En dat brengt al spanning, en die man doet al wrevelig. Wat heeft dat ding nu erger gemaakt is dat die vrouw nu geld is gaan lenen bij iemand in de buurt, denkende dat ze die Covid-steun gaat krijgen en dan gaat terugbetalen. Maar ze heeft die man niet gezegd, want hij is al een agressieve type. Covid-steun is niet gekomen, en die persoon is toen daar thuis gekomen om naar het geld te zoeken. Die man is daardoor nog bozer geworden, en heeft hij die vrouw en die kinderen uit het huis gezet.

De vrouw heeft geen baan, en geen plek om naar toe te gaan met die kinderen, want er is geen opvang. En ze schaamt zich nu ook, want al d’r spullen lagen zo langs de straat. Ze is toen opgevangen door één van de buurtbewoners.

Er zijn nog zeker twee gevallen van moeders en kinderen die recent nog uit het huis gezet zijn. Eentje is teruggekomen naar de gewelddadige partner, omdat ze geen andere plek heeft om met die kinderen te gaan.

De kinderen worden ook betrokken in de ruzie tussen die ouders. En ze vertellen mij als coach wat er thuis gebeurt. Dus als coach dan kan ik nog zoveel met die jongeren praten over geweld, maar als ze thuis toch slechte voorbeelden zien, dan is het bijna doe no doe.

Ik praat ook met die ouders. Maar ik kan niet te ver gaan om advies te geven over man-vrouw relatie, en hoe je met frustraties om moet gaan, want ik heb die opleiding niet. Dus daarom zeg ik, dan zou het goed zijn als er een opvang komt voor de moeders en de kinderen, of voor die vaders. En ook dat er begeleiding komt hoe om te gaan met bepaalde situaties en met die kinderen. En wij als buurtorganisatie willen veel doen, maar wij hebben ook hulp en begeleiding nodig om hun te begeleiden.

dinsdag 15 september 2020

Ministers van SoZaVo en AW&J beloven meer betrokkenheid van maatschappelijke organisaties bij de aanpak van seksueel en huiselijk geweld


Donderdag 10 september presenteerden 38 maatschappelijke organisaties de ‘Prioriteiten tegen Geweld’ aan bijna 100 personen, waaronder Ministers Uraiqit Ramsaran van Sociale Zaken en Volkshuisvesting (SoZaVo) en Rishma Kuldipsingh van Arbeid, Werkgelegenheid en Jeugdzaken (AW&J). Ook vertegenwoordigers van onder andere de Ministeries van Volksgezondheid, Justitie en Politie, het Academisch Ziekenhuis Paramaribo en UNICEF namen deel aan de Zoom-sessie. DNA was goed vertegenwoordigd met meer dan vijf parlementariërs van zowel coalitie als oppositie. 

Hoor ons nu: de stem van lokale gemeenschappen in beleid
Sharda Ganga, directeur van Projekta, opende de presentatie met een inleiding over het programma Hear Us Now (HUN): Bringing the Voices of Local Communities into the National Dialogue against Domestic and Sexual Violence’ dat Projekta begin 2019 gestart is met financiële ondersteuning van het European Instrument for Democracy & Human Rights (EIDHR). De prioriteitenlijst die gepresenteerd is, is samengesteld door gemeenschapsorganisaties die binnen het HUN-programma trainingen hebben gevolgd en zijn begeleid om te werken aan het tegengaan van geweld in hun buurt of binnen hun doelgroep. De prioriteitenlijst wordt verder ondersteund door grotere maatschappelijke organisaties die werken op dit gebied, zoals Women’s Rights Centre, Surinaamse Vereniging voor Psychologen en Orthopedagogen en Stichting Lobi.

Totstandkoming Prioriteiten tegen Geweld tijdens een workshop L&A in februari 2020
Tijdens de virtuele presentatie van afgelopen donderdag waren er verhalen uit de gemeenschappen van Andy Bandison van Santostars (Santodorp), Wiedjawatie Jawalapersad van stichting Sari (Nickerie), Rishi Moella van stichting Jagran Mangal (Uitvlugt/Paramaribo) en Helene Frijde van stichting Mama Joyce (Commewijne). Zij pleitten voor meer crisisopvang voor gezinnen, meer training en begeleiding aan religieuze organisaties zodat zij meer aandacht besteden aan het tegengaan van geweld en/of de zorg voor slachtoffers. Maar ze pleitten ook voor meer decentralisatie van hulpverlening door bijvoorbeeld meer meldpunten en meer programma’s voor begeleiding van slachtoffers en plegers. Heel concreet was de vraag dat als de instanties kinderen plaatsen bij tehuizen – vaak genoeg slachtoffers van geweld – die ook zorg moeten dragen voor de basiszorgkaart van die kinderen, en dat de kinderbijslag voor die kinderen aan de tehuizen toekomt, en niet aan de personen die de plegers zijn van het geweld of het misbruik.
De lijst met Prioriteiten tegen Geweld gaat in op deze en andere problemen en gebreken rondom de aanpak van seksueel en huiselijk geweld. 

Stichting Sari geeft infosessie over geweld aan COVAB Nickerie
Reacties en oplossingen
Carla Bakboord van Women’s Rights Centre, een van de nationale organisaties die zich al decennia inzet op het gebied van gendergerelateerd geweld, zei dat ze erg blij is met het HUN-programma en de gepassioneerde manier waarop de deelnemende organisaties zich inzetten tegen geweld in hun gemeenschappen en onder hun doelgroepen. De decentralisatie van de hulpverlening is nodig om het complexe probleem van gendergerelateerd geweld aan te pakken. Ze benadrukte dat het wiel niet steeds opnieuw uitgevonden hoeft te worden en dat ze hoopt dat overleg zoals vandaag een structureel karakter krijgt, zodat de beleidsmakers horen wat er in het veld speelt. 

Minister Ramsaran van SoZaVo beaamde dat. Van de Prioriteiten tegen Geweld zal zeker gebruik gemaakt worden voor het ontwikkelen van geïntegreerd beleid, zei de minister, en hij nodigde de organisaties uit om om de tafel te zitten. Hij gaf verder aan dat er binnen het Integraal Kinderbeschermingsnetwerk (IKBeN) hard wordt gewerkt aan een systeem van doorverwijzing en case-management. 
Minister Kuldipsingh van AW&J legde de nadruk op voorlichting, opvoeding en het belang van praten met kinderen. Ze hoort graag meer ervaringen uit het veld en wil voor het ontwikkelen van beleid een samenwerking aangaan, zodat er beter beleid gemaakt kan worden, waarbij alle stakeholders op één lijn zitten. 
DNA-lid Ann Sadi benadrukte de noodzaak van het begeleiden van DR en RR-leden om een grotere rol te spelen bij dit vraagstuk, want zij begeven zich in alle hoeken van het district. DNA-lid Patricia Etnel, die ook sprak namens de voorzitter van DNA, legde de nadruk op voorlichting aan jongeren over gezonde relaties en sterke gezinnen. Het parlement heeft in de afgelopen jaren gewerkt aan strengere straffen voor daders, maar er moet ook een natraject van begeleiding zijn, zodat ze niet terugvallen in dezelfde situatie. Ze benadrukte het belang van het opnemen van duidelijke beleidsmaatregelen tegen geweld in ‘s lands begroting.

Gemeenschapsorganisatie A Jaw De organiseert knutseldag over geweld tegen kinderen
Actieve online participatie
Andere onderwerpen die werden besproken in de open discussie waren onder andere het identificeren van rolmodellen om voorlichting te geven, het belang van dataverzameling en het delen van informatie, het gebrek aan menskracht bij verantwoordelijke instituties, de noodzaak van een wettelijke basis voor subsidiebeleid voor opvanglocaties en capaciteitsversterking van de organisaties om aan de voorwaarden voor subsidie(aanvragen) te voldoen. 
Terwijl de sprekers hun verhaal vertelden en de ministers hun reactie gaven, ontstond er een actief gesprek in de chat, waarbij er vragen werden gesteld en beantwoord, informatie en tips gegeven en complimenten uitgedeeld. Het allerbelangrijkste was dat er contactgegevens werden uitgewisseld en afspraken werden gemaakt tussen de gemeenschapswerkers en beleidsmakers en volksvertegenwoordigers. Van zo een succesvolle lobby, met meteen concrete resultaten, had niemand durven dromen!

donderdag 1 februari 2018

PROJEKTA ontvangt EU Human Rights Award


EU Ambassadeur Jernej Videtič overhandigt de Certificate of
Appreciation aan Projekta-voorzitter Annette Tjon Sie Fat
De ambassadeur van de EU voor Guyana, Suriname en de Nederlandse overzeese gebieden en territoria, Jernej Videtič, overhandigde op maandag 29 januari een mensenrechten-award aan Projekta-voorzitter Annette Tjon Sie Fat. Deze “Certificate of Appreciation” werd uitgereikt aan Projekta ter gelegenheid van de Internationale Dag van de Rechten van de Mens, als erkenning voor de grote bijdrage van Projekta aan de bevordering van mensenrechten, goed bestuur en gendergelijkheid in Suriname.

Dit was de symbolische overhandiging van de award, die officieel werd uitgereikt in een speciale ceremonie op 8 december 2017 in Guyana. Daar nam Riane de Haas-Bledoeg, de award in ontvangst namens Projekta. Tijdens de uitreikingsceremonie werd er over het werk van Projekta gezegd dat zij zich in de afgelopen 25 jaar ontwikkeld  heeft tot “the forefront of Civil Society in Suriname”. 
In Guyana neemt Riane de Haas-Bledoeg
op 8 december 2017 namens Projekta
de award in ontvangst
Als een organisatie die haar werk baseert op een mensenrechtenbenadering van ontwikkeling, richt het werk van Projekta zich op de interconnectie tussen mensenrechten, democratie en goed bestuur, met een speciale focus op gendergelijkheid en vrouwenrechten. Onder andere door middel van onderzoek, advocacy, en capaciteitsversterking van rechthebbenden en plichtdragers heeft Projekta een goed deel van de civil society in Suriname weten te motiveren en versterken in het promoten van een gezamenlijke mensenrechten-agenda door het Burgerinitiatief voor Participatie en Goed Bestuur (BINI) op te richten. BINI is binnen korte tijd uitgegroeid tot het meest zichtbare en productieve netwerk van civil society organisaties en maatschappelijk betrokken individuen in Suriname.  

Projekta heeft mede dankzij financiële ondersteuning via het European Instrument for Democracy and Human Rights (EIDHR), het eerste BINI-Beleidsmonitoringrapport gerealiseerd. Het EIDHR is het thematische instrument ter ondersteuning van civil society projecten over de hele wereld die gericht zijn op de bevordering van mensenrechten en democratie. 

Directie en bestuur van Projekta & EU-vertegenwoordigers
Voor Projekta is de award extra bijzonder omdat zij dit jaar haar 25-jarig bestaan viert. Tevens staat 2018 voor Projekta in het teken van 10 jaar Democratiemaand. Dit zal gevierd worden door het hele jaar door thematische lezingen en discussie-avonden te organiseren, waarbij telkens een ander thema gerelateerd aan mensenrechten en democratie in Suriname besproken zal worden.

Op maandag 29 januari tekenden de EU-ambassadeur Jernej Videtič en Sharda Ganga, de directeur van Projekta, ook het contract voor het project “Hear us Now: Bringing the Voices of Local Communities into the National Dialogue against Domestic and Sexual Violence”. Lees via de volgende link meer over dit project dat ernaar streeft om de betrokkenheid van lokale gemeenschapsorganisaties in tegengaan van seksueel en huiselijk geweld te vergroten.

woensdag 31 januari 2018

PROJEKTA en EU ondertekenen project sport- en cultuurorganisaties tegen huiselijk en seksueel geweld

Projekta-directeur Sharda Ganga en EU Ambassadeur
Jernej Videtic ondertekenen het contract
De ambassadeur van de EU voor Guyana, Suriname en de Nederlandse overzeese gebieden en territoria, Jernej Videtič en de directeur van Projekta, Sharda Ganga ondertekenden maandag 29 januari 2018 het contract voor het project “Hear us Now: Bringing the Voices of Local Communities into the National Dialogue against Domestic and Sexual Violence”.

Het project wordt gefinancierd via het European Instrument for Democracy and Human Rights (EIDHR), het thematische instrument ter ondersteuning van civil society projecten over de hele wereld die gericht zijn op de bevordering van mensenrechten en democratie.

Dit is de tweede keer dat Stichting Projekta een grant ​​ontvangt via het EIDHR. Met behulp van de eerste grant ​​heeft Projekta de oprichting van het Burgerinitiatief voor Participatie en Goed Bestuur, en o.a. het eerste BINI-Beleidsmonitoringrapport gerealiseerd.

Het huidige project streeft ernaar om de betrokkenheid van lokale gemeenschapsorganisaties in tegengaan van seksueel en huiselijk geweld te vergroten. Het project richt zich op gemeenschaps-, sport- en cultuurorganisaties in de districten Paramaribo, Wanica en Para. Coaches, activiteitenleiders en besturen van deze gemeenschapsorganisaties zullen worden versterkt om bewustwording en preventie van seksueel en huiselijk geweld op te nemen in hun reguliere activiteiten. Organisaties die meedoen aan het programma kunnen ook in aanmerking komen voor fondsen om activiteiten uit te voeren voor bewustwording en tegengaan van seksueel en huiselijk geweld.

Projekta-directeur Sharda Ganga en EU Ambassadeur
Jernej Videtic
Daarnaast biedt het project leden van maatschappelijke organisaties de mogelijkheid deel te nemen aan een proces van capaciteitsopbouw, met training en begeleiding, om de zichtbaarheid en stem van de meest kwetsbare maatschappelijke groepen op nationaal niveau te vergroten over huiselijk en seksueel geweld en andere aanverwante beleids- en mensenrechtenkwesties. Het project is begroot op Euro 100.000,- waarvan Projekta zelf een deel inbrengt.

De EU-ambassadeur benadrukte dat mensenrechten de rode draad is die loopt door het buitenlands beleid van de Europese Unie en haar lidstaten, en dat er speciale aandacht wordt besteed om minderheden, sociale groepen en civil society te versterken om hun stem te laten horen. De EU blijft betrokken in dialoog met Suriname en met verscheidene NGO's in het land om samen te werken aan mensenrechtenkwesties, zoals het bevorderen van vrouwenrechten en kinderrechten, het tegengaan van mensenhandel en van discriminatie op basis van seksuele oriëntatie; en het verdedigen van burger-, politieke, economische, sociale en culturele rechten.