vrijdag 30 november 2018

Van het een in het ander: Community Dance Fitness trainers opgeleid, start Aerobics training.

De serie van trainers/coaches voor community sportactiviteiten in touwtjespringen, straatvoetbal, dance fitness en aerobics is met het verzorgen en afronden van de dance fitness training aangevuld. Dit is de eerste fase in het project ‘Community Sport voor Inclusiviteit en Gendergelijkheid’ waarbij we coaches opleiden voor sporten die toegankelijk zijn voor meisjes en jongens, en die op een eenvoudige manier, met beperkte middelen, opgestart kunnen worden in een buurt of omgeving.

In het weekend van 10 en 11 november was het de buurt van onze Dance Fitness deelnemers om hun deelname aan de reeks van sporttrainingen af te ronden. In het weekend ervoor hebben de deelnemers van touwtjespringen en straatvoetbal de training reeds afgerond middels het verzorgen van een demo les.


Uiteindelijk hebben 6 deelnemers de eindstreep van de Dance Fitness training bereikt. Na zondag zijn de volgende 6 organisaties een Dance Fitness trainer rijker: C.V. Wakabo uit Hollandse Kamp, Sangh Parivar Suriname, Buurtorganisatie Pontbuiten, Jeugd Rode Kruis, Santosstars en Ispeak.
De trainers Cherish Heymans was zeer tevreden met de participatie van de deelnemers gedurende het Dance Fitness trainingstraject. Voor de afronding, welke bestond uit het ontwerpen en verzorgen van een demo les bestaande uit een warming-up, dans naar keuze en een cool-down waren de verwachting daarom ook hoog gespannen.


Alle deelnemers hebben aan deze verwachtingen voldaan. Bij elk van de demolessen was de personal touch van de deelnemers te merken. Bij de een was dit te merken aan de muziekkeuze, bij de ander kwam het tot uiting in de gekozen danspasjes, en de unieke manier van het geven van instructies.
De nieuwbakken community dance fitness trainers zijn voornemens om in januari van start te gaan met het verzorgen van trainingen in de verschillende buurten en wijken.


Het daaropvolgend weekend van 17 eb 18 november, is de sporttrainingen aerobics gestart. Deze training is de laatste in de reeks van sporttrainingen voor community organisaties. De deelnemers die het eerste trainingsweekend hebben doorlopen zijn afkomstig uit het jongerenbestuur van Hollandse Kamp, Stichting Abrabrokie Beekhuizen Saron en Omgeving (ABSO), Jeugd Rode Kruis, Buurtorganisatie Pontbuiten (BUPO), Ispeak en Big Five Foundation.

Door de trainer Cherish Heymans is er een strak trainingsprogramma in elkaar gezet, om ook deze groep deelnemers startklaar te maken voor het verzorgen van Aerobics sporttrainingen binnen hun community.

Het programma ‘Community Sport voor Inclusiviteit en Gendergelijkheid’ is een partnerschap tussen Projekta, de Nederlandse Ambassade in Suriname en ISA (International Sport Alliance). Het vormt samen met het programma ‘Hear Us Now’, gefinancierd door de EU, een tweejarig traject van versterking van gemeenschapsorganisaties om gendergelijkheid te bevorderen en geweld tegen te gaan, o.a. middels sport en cultuur.

maandag 19 november 2018

Hoe kunnen wij seksueel en huiselijk geweld bespreekbaar maken?


Op zaterdag 3 november jongstleden hebben personen uit verschillende disciplines, zoals sport, theater, dans, jongerenwerk, intensief gebrainstormd over mogelijke manieren voor het bespreekbaar maken van seksueel en huiselijk geweld binnen gemeenschaps-, sport- en cultuurorganisaties.
Aan het begin van deze workshop hebben 2 gespecialiseerde inleiders een presentatie gehouden over huiselijk geweld en over specifiek geweld tegen kinderen. Het bleek dat de verschillende vormen van huiselijk geweld minder bekend waren bij de deelnemers, omdat bepaalde vormen als “normaal” gezien worden in onze huidige samenleving. Er bestaat niet alleen fysiek geweld, maar psychisch en financieel geweld zijn ook vormen van huiselijk geweld. Naast de vormen van huiselijk geweld, zijn de mythes ook aan de orde gekomen. “Een pleger is niet in staat om liefde te tonen” is één van de mythes, terwijl een pleger juist ook iemand kan zijn met goede interpersoonlijke relaties.

Tijdens de presentatie over geweld tegen kinderen zijn ook de verschillende vormen hiervan belicht. De deelnemers zijn meer te weten gekomen over de gevolgen en de typische gedragingen van kinderen die mishandeld of seksueel misbruikt worden. Daarnaast hebben de deelnemers ook informatie gekregen over de houding die volwassenen moeten hebben wanneer ze benaderd worden door een kind dat het slachtoffer is geworden van welke vorm dan ook van kindermishandeling.

Met de informatie uit de presentatie stortten de deelnemers zich op het bedenken van creatieve en sportieve manieren voor het bespreekbaar maken van geweld. De deelnemers zochten antwoord op de vragen ‘Om bij te dragen aan het tegengaan van geweld: ’Wie moet wat weten en wie moet wat kunnen binnen een gemeenschaps-, sport- en cultuurorganisatie?’ en ‘Hoe kun je wie wat leren?’ 
Uit de brainstorm zijn er ongeveer 30 mogelijke manieren voortgekomen voor het bespreekbaar maken van seksueel en huiselijk geweld, zoals puzzels, bewegingsspelen en dansoefeningen.
Uit deze verzameling zullen een aantal producten worden gekozen voor verdere uitwerking. De deelnemers blijven daarbij nauw betrokken.

Deze workshop is gehouden in het kader van het programma “Hear Us Now” dat gefinancierd wordt door de European Fund for Democracy and Human Rights. Het programma vormt samen met het programma “Community Sport voor Inclusiviteit en Gendergelijkheid”, dat uitgevoerd wordt als partnerschap tussen Projekta, de Nederlandse Ambassade in Suriname en ISA (International Sport Alliance), een tweejarig traject van versterking van gemeenschapsorganisaties om geweld tegen te gaan en gendergelijkheid binnen sport te bevorderen.

vrijdag 16 november 2018

Een financieel plan voor een duurzame schooltuin

Op zaterdag 10 november is de vierde bijeenkomst gehouden van de schooltuingroepen, ook wel beheerstructuren genoemd, in het kader van het project ‘Schooltuinen voor onderwijs, ondernemerschap en life skills’. In totaal zijn er binnen dit door ALCOA Foundation gefinancierde project vijf schooltuinen in Para, Brokopondo en Marowijne worden opgezet, uitgebreid en/of gerenoveerd. Projekta is de uitvoerder van dit project.

Tijdens deze vierde bijeenkomst hebben de groepen, bestaande uit leerkrachten, schoolleiders, oudercommissieleden en vertegenwoordigers van gemeenschapsorganisaties, gewerkt aan de financiële aspecten rondom het beheer van de tuin.

Alle vijf de groepen hadden vóór de vakantie als huiswerk gekregen om een jaarplan, een begroting en een wervingsplan voor het schooljaar 2018-2019 te maken. Deze begrotingen zijn besproken en waar nodig hebben de groepen individueel delen van elkaars begrotingen opgenomen in hun eigen begrotingen.

Daarna volgde het uitwerken van de vraag: hoe komen we aan het geld om onze mooie plannen uit te voeren? Hierover is gesproken en als opdracht heeft elke groep haar eigen wervingsplan uitgebreid met ideeën die tijdens deze sessie zijn opgedaan.

Tot slot is op de bijeenkomst het vastleggen, monitoren en verslaan van de financiën behandeld. Iedere groep kan dit op haar eigen manier invullen zolang het maar duidelijk, consequent en transparant is. Daarnaast moet voor iedereen duidelijk zijn wat de afspraken zijn over de financiën én moeten ze zich daaraan houden.

Financiën is een taai en niet altijd enthousiasmerend onderwerp, maar o zo belangrijk. Vandaar ook dat de aanwezigen toch met positieve energie en enthousiasme hebben gewerkt aan hun plannen. Nu is het belangrijk dat de plannen worden omgezet in specifieke acties, zodat de tuin nog mooier en duurzamer wordt gemaakt.

Klik op onderstaande links voor meer informatie:


donderdag 1 november 2018

Flitsende start sporttrainingen

In het weekend van 27 en 28 oktober zijn de sporttrainingen voor coaches binnen het 'Community Sport voor Inclusiviteit en Gendergelijkheid' programma van start gegaan. Op de eerste dag zijn de trainingen Straatvoetbal en Touwtjespringen van start gegaan. Voor de trainers Aisa Smit en Georgetine Asantiba was dit weekend eindelijk het moment aangebroken om de speciaal voor het programma ontwikkelde trainingen ten uitvoer te brengen.

De deelnemers hebben in het weekend gretig gebruik gemaakt van de gelegenheid om zich te verdiepen in het aanleren van de verschillende onderdelen aan hun doelgroep. Door de kleine opzet van de trainingen, was er is het trainingsprogramma voldoende ruimte voor individuele begeleiding van de trainers.

Deelnemers uit Big Five Foundation, Ispeak, Stichting Abrabrokie Beekhuizen Saron en Omgeving (ABSO), CV Wabokwa uit Hollandse Kamp en Stichting Buurtontwikkeling Latour (Stibula) hebben het eerste trainingsweekend voor touwtjespringen bijgewoond. Dit is, voor zover wij weten, de eerste keer dat er een trainingsprogramma speciaal voor touwtjespringen is ontwikkeld en verzorgd. Touwtjespringen is een supergoedkope bewegingsactiviteit, en we hopen dat het vooral meisjes zal aanspreken, hoewel tijdens de training al duidelijk werd dat ook de mannen zich erg amuseerden met de sport. Bij het touwtjespringen gaat het niet alleen om snelheid, maar ook om het maken van fraaie bewegingen en ingewikkelde choreografieën.

Tijdens de touwtjespringen trainingen zat het enthousiasme er goed in, en hadden enkele deelnemers reeds voor het einde van dag 1 zich gestort op het oefenen met de meer ingewikkelde springtechnieken.

De deelnemers uit de 4 organisaties, Santosstars, Big Five Foundation, Buurtorganisatie Pontbuiten (BUPO) en Stichting Witsantie Educatief Centrum (S.W.E.C), die het eerste trainingsweekend voor straatvoetbal hebben doorlopen, hebben eveneens gretig gebruik gemaakt van de gelegenheid om hun overdracht skills aan te scherpen. Het overgrote deel van deze deelnemers hebben een veldvoetbal achtergrond, en zijn in het weekend door de trainer overgebracht naar de wereld van straatvoetbal, zowel in theorie als in praktijk. Het was soms behoorlijk wennen voor de deelnemers dat niet competitie, maar meedoen, beweging en life skills de focus zijn van de straatvoetbalactiviteiten.

Deelnemers uit Sangh Parivar Suriname (SPS), Santosstarts, Big Five Foundation, Stichting Sportontwikkeling Vierkinderen (SPONVI), BUPO, CV Wabokwa en Shri Sanatan Dharma Paramaribo- Noord (SSDP) startten op zondag 28 oktober in de balletzaal van Thalia aan de training voor Dance Fitness coaches, onder leiding van trainer Cherish Heymans. Ook voor deze training is een speciaal trainingsprogramma ontwikkeld. Dat je door inzet binnen een dag heel veel kunt bereiken, bleek ook tijdens deze eerste trainingsdag. De deelnemers uit de Dance Fitness training zijn reeds op de eerste trainings-dag in staat geweest om een eigen choreografie voor 2 muziekstijlen te ontwerpen.

Voor de deelnemers aan straatvoetbal en touwtjespringen is het komend weekend een zeer spannende. Op zondag 28 oktober zullen zij de training afronden middels het verzorgen van een demo-les aan een groep jongeren. Gezien de inzet en participatie van de deelnemers dit afgelopen weekend, zijn er hoge verwachtingen voor de demo-lessen.

Het programma “Community Sport voor Inclusiviteit en Gendergelijkheid” is een partnerschap tussen Projekta, de Nederlandse Ambassade in Suriname en ISA (International Sport Alliance). Het vormt samen met het programma ‘Hear Us Now’, gefinancierd door de EU,  een tweejarig traject van versterking van gemeenschapsorganisaties om gendergelijkheid te bevorderen en geweld tegen te gaan, o.a. middels sport en cultuur.

woensdag 19 september 2018

Programma Communities en Sport en de strijd tegen seksueel en huiselijk geweld



Projekta start binnenkort met een programma om community organisaties de nodige tools en skills aan te reiken om in hun eigen community te werken aan het tegengaan van geweld, en om hun stem te laten horen binnen het nationaal beleid t.a.v. het tegen gaan van seksueel en huiselijk geweld. Organisaties zullen ook tools aangereikt worden voor het toegankelijker maken van de organisaties voor vrouwen en meisjes. 

Wat willen we bereiken? 
  • Community organisaties ontwikkelen tot de plek waar personen terecht kunnen voor bewustwording en begeleiding rond thema’s als huiselijk en seksueel geweld.
  • Sportorganisaties (vooral uit communities) gebruiken hun (sport)activiteiten om huiselijk en seksueel geweld bespreekbaar te maken, en hun pupillen weerbaarder te maken.
  • Mensen uit de communities laten hun stem horen- er wordt rekening gehouden met de specifieke problemen van gemeenschappen met seksueel en huiselijk geweld. 
  • Meer mannen en (vooral) meer vrouwen hebben toegang tot sport en beweging.
  • Meer meisjes/vrouwen zijn coaches.
  • Duurzaamheid: fundraisingsplannen 
Wat gaan we doen? 
  • Trainingen in (voor communities) ‘nieuwe sporten’, zoals 3x3 basketbal, straatvoetbal, zumba etc.
  • Begeleiding bij de activiteiten in de communities.
  • Een voorlichtingspakket voor bewustwording over seksueel en huiselijk geweld via je  eigen activiteiten, en training in het gebruik van dat pakket.
  • Advocates training in hoe je je stem kan laten horen over geweld in je community. 
  • Begeleiding van organisaties om netwerken op te zetten.
  • Subsidies voor eigen bewustwordingsactiviteiten.
  • Training in fundraising om je activiteiten te kunnen blijven doen.

Wie kunnen zich aanmelden voor deelname?
  • Personen verbonden aan organisaties die actief zijn in een bepaalde buurt, wijk, omgeving, gemeenschap of dorp (buurtorganisaties, jongerenorganisaties, vrouwenorganisaties).
  • Personen verbonden aan sportorganisaties die bewustwording over seksueel en huiselijk geweld willen leren verwerken in hun activiteiten.
Wanneer start het programma? 
De eerste trainingen starten in oktober 2018. 

Wat kost het?
Deelname aan trainingen en programma activiteiten is kosteloos. 

Interesse voor deelname? 
Vraag het aanmeldingsformulier op via projekta@sr.net of app naar 8677022

Aanmelding open t/m maandag 1 oktober 2018, hierna start de selectieronde. 

maandag 3 september 2018

Projekta lanceert een nieuw programma om seksueel en huiselijk geweld in lokale gemeenschappen bespreekbaar te maken

Stichting Projekta lanceert een nieuw programma om seksueel en huiselijk geweld in lokale gemeenschappen bespreekbaar te maken alsook aan te pakken.

Het programma is onder de voorlopige naam ‘Communities & Sport Tegen Huiselijk en Seksueel Geweld’ geïntroduceerd aan verschillende buurt-, sport- en bewegingsorganisaties. “Ik ben blij om zoveel organisaties te zien uit zoveel communities”, zei directeur Sharda Ganga bij de start van de avond. Het programma is speciaal bedoeld voor gemeenschapsorganisaties die actief zijn binnen een bepaalde buurt, omgeving of gemeenschap. Dit kunnen sport- en buurtorganisaties zijn, maar bijvoorbeeld ook  vrouwen- en jongerenorganisaties die actief zijn in een bepaalde buurt, wijk of omgeving.

De organisaties kunnen maximaal vier personen afvaardigen om getraind te worden in nieuwe bewegingsactiviteiten. Eén van de  doelen van deze nieuwe activiteiten, alsook de training, is om meer coaches, ook vrouwelijke,  te krijgen en om de participatie van meisjes en vrouwen te vergroten. De gebruikelijke takken van sport die buurtorganisaties verzorgen, zoals voetbal en slagbal blijken weinig vrouwen en meisjes aan te trekken. De deelnemers mogen daarom zelf voorstellen doen voor nieuwe bewegingsactiviteiten: activiteiten die vooral voor vrouwen en meisjes aantrekkelijk zijn (zoals dans), maar ook activiteiten die laagdrempelig zijn voor iedereen, zoals 3x3 basketbal en straatvoetbal. Tijdens de introductie hebben de organisaties al voorstellen gedaan, waaronder yoga en zumbalessen.

‘Communities & Sport Tegen Huiselijk en Seksueel Geweld’vloeit voort uit het ABCS-programma (Actieve Burgers door Cultuur en Sport) dat eerder door de stichting is uitgevoerd. Daarin zijn organisaties versterkt door middel van sport en cultuur, maar is ook participatie van jongeren aan sportactiviteiten vergroot. Als onderdeel van het programma heeft Projekta onderzoek gedaan naar de grootste behoeftes van de organisaties. Daaruit is gebleken dat de grootste vraag was naar tools om huiselijk en seksueel geweld bespreekbaar te maken onder andere middels sport- en bewegingsactiviteiten. Onderzoek van Projekta heeft ook uitgewezen dat jongeren die bij deze extra-curriculaire programma’s betrokken zijn, toch niet weten met wie ze kunnen praten over seksualiteit en huiselijk geweld.

“Wij zullen een pakket ontwikkelen zodat de lokale organisaties zelf activiteiten kunnen ontplooien om te praten over bepaalde onderwerpen”, zegt Sharda Ganga, directeur van de stichting. Het gaat om een voorlichtingspakket waarin getrainde coaches sport en andere bewegingsactiviteiten kunnen gebruiken om seksueel en huiselijk geweld te bespreken, en andere gemeenschapsorganisaties zelf andere bewustwordingsactiviteiten kunnen organiseren in hun buurten. Het blijft niet bij het bespreken van de onderwerpen. De begeleiders moeten ook raad kunnen geven of doorverwijzen wanneer huiselijk of seksueel geweld heeft plaatsgevonden.

Bij de introductie avond is onder andere gesproken over wat huiselijk geweld precies is, wat het project inhoudt en wat van de deelnemers wordt verwacht. Er is overeengekomen om in oktober te beginnen met de trainingen omdat de programma’s van de organisaties voor de vakantie al vol zijn. De deelnemers worden ook getraind om goede fundraisingsplannen te maken om de duurzaamheid van de activiteiten te verzekeren.

Daarnaast is er een traject voor vertegenwoordigers van de community organisaties om op nationaal niveau hun zorgen en kennis te delen, zodat de specifieke behoeften van hun gemeenschappen ook wordt meegenomen als er beleid wordt gemaakt en uitgevoerd.
De vooraanmelding heeft reeds plaatsgevonden op donderdag 16 augustus. De organisaties worden aan de hand van strenge criteria toegevoegd aan of uitgesloten van deelname aan het programma omdat de stichting zo efficient mogelijk te werk wilt gaan.

Het programma wordt gefinancierd door de  EU, de Nederlandse Ambassade en de International Sports Alliance.

vrijdag 31 augustus 2018

Recht op een schoon en leefbaar milieu? Niet in het Lawagebied

Door: Lisa Best

Met grote verontwaardiging en teleurstelling las ik het recente nieuws dat 40 scalians per 1 september a.s. een vergunning voor 2 jaren hebben om verder te werken. Toevallig is het net een jaar geleden dat ik in werkverband verbleef in Cottica aan de Lawa, een dorp van de Aluku gemeenschap. Tijdens een verkenning van het gebied, begeleid door een lokaal collectief uit het Franse stadje Maripasoula dat zich inzet om ondersteuning te krijgen voor het aanpakken van milieuproblemen in het gebied, is het duidelijk geworden dat er sprake is van een ernstige vorm van vervuiling van de natuur door problemen die niet alleen milieugerelateerd, maar ook sociaal en economisch van aard zijn.

Cottica, Lawa
De Aluku (afstammelingen van Boni) zijn samen met de Wayana inheemsen, van oudsher de lokale bewoners van het Lawagebied, gevestigd in dorpen aan zowel de Surinaamse als de Franse kant. De gemeenschap leeft traditioneel van de producten en diensten die het bos hen levert, zoals gewassen van de kostgrond, vis, wild, drinkwater, geneeskrachtige planten en beleving van hun traditionele cultuur. Een groot deel van het dagelijks leven speelt zich in of rondom de rivier af, zoals het baden, wassen van kleren en vaat, en ook onderhouden van sociale interactie.

Na een uurtje varen, een aantal skalians, en over en weer gaande vliegtuigen verder, komt een uitgestrekte reeks houten constructies in beeld langs de Surinaamse rivieroever. Talloze Chineze winkels, restaurants, hotels, Braziliaanse woningen, kerken en monteurs hebben zich gevestigd aan de overkant van Maripasoula (ongeveer 6000 inwoners). Met de activiteiten worden er bergen afval gecreëerd, die iets verder stroomopwaarts, aan de Surinaamse kant, in zakken worden gedumpt in het bos en allernaast de rivier. Daar komt bij dat er ook menselijke resten worden begraven langs de rivier. U kunt zich voorstellen wat voor soort situatie er ontstaat bij hoogwater. Bovendien, hebben veel van de gebouwen geen geschikt sanitatie systeem, waardoor menselijke uitwerpselen veelal rechstreeks de rivier ingaan.
Cottica, Lawa
Door goudwinning van skalians op de rivier en door goudzoekers landinwaarts is het rivier- en kreekwater vertroebeld, wat negatieve gevolgen heeft voor de voedsel en drinkwatervoorziening van de mensen en voor het aquatisch ecosysteem. Dan is er nog niet gesproken over de schadelijke stoffen die terechtkomen in het water en een gevaar vormen voor de volksgezondheid.  
Al deze activiteiten creëren niet alleen een situatie waarbij de voedselvoorziening en gezondheid van de mensen in gevaar komt, maar waarbij ook veiligheid een probleem wordt. Het stelen van gewassen op de kostgrondjes en gewapende roofovervallen maken dat vrouwen vaak niet durven om alleen naar hun kostgrond te gaan.

In 1972 beschreef het eerste principe van de Verklaring van Stockholm van de Verenigde Naties: “De mens heeft het fundamentele recht op vrijheid, gelijkheid en adequate leefomstandigheden, in een milieu van kwaliteit, dat een leven van waardigheid en welzijn toelaat; en hij draagt de verantwoordelijkheid om dat milieu te beschermen en te verbeteren voor huidige en toekomstige generaties.” 

Wat wij aantroffen in het Lawagebied was dusdanig ernstig dat ik begon te twijfelen of men, met name de overheid, wel bewust is van wat zich daar afspeelt en de volledige omvang van de problematiek begrijpt. Want als dat wel het geval was, zou men ook de dringende noodzaak inzien om stappen te ondernemen in het aanpakken van de situatie. Als dat wel het geval was, dan zou het toch niet kunnen dat men de andere kant op kijkt? 

Lisa Best
Milieuwetenschapper
Lid van de Vereniging voor Biodiversiteit van het Guiana Schild in Suriname en van het Women in Nature Network

Niet alleen kwik is het probleem van de scalians

Het bericht dat scalians toestemming hebben gekregen om weer goud te zoeken, laat ons nog grotere vraagtekens dan voorheen plaatsen bij het beleid van de regering met betrekking tot mens en  milieu. 
Onder vernieuwde voorwaarden mogen ongeveer 40 scalians in het Sarakreek-gebied en Marowijne, per 1 september 2018 verder werken voor de duur van twee jaren.  De definitieve oplossing van het scalianprobleem wordt dus vooruitgeschoven naar de volgende regering en de volgende minister van Natuurlijke Hulpbronnen. 

Minister Dodson haalt aan dat er strakke regels zijn gesteld en dat het de boten is verboden met kwik te werken. Allereerst: Graag zien wij publicatie tegemoet van die regels. Ten tweede: het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen gaat er aan voorbij dat kwikvervuiling slechts een deel van het probleem is. De rest van het probleem is de achteruitgang van de waterkwaliteit door sedimenten die loskomen (vertroebeling), wat samen met vernietiging van de rivierbodem het gehele ecosysteem ontwricht. Het leven onder water, waaronder de vissen en ander leven van plant (flora) en dier (fauna) gaat eraan, en daarmee ook het leef- en woongenot van de binnenlandbewoners die afhankelijk zijn van het water als visvijver, wasmachine, badkamer en bron van drinkwater.  Bovendien leidt de aanwezigheid van de gevaartes ook indirect tot ook andere problemen zoals vervuiling door afval, stroperij, bosverarming en gezondheidsrisico’s. Bewoners langs de Marowijnerivier (Paamaka), het Brokopondo stuwmeer, en aan de Lawarivier zijn nu al in de problemen, en met het wederom toelaten van scalians zullen de problemen verergeren. Immers, gezonde ecosystemen liggen aan de basis van menselijk welzijn. 

De commissie Ordening Goudsector zal, volgens het bericht, met onze belastinggelden zorgen voor de veiligheid op de boten. Per boot (scalian) moet een bepaald bedrag via de centrale overheid (Financiën) worden afgedragen. Diverse ministeries, zoals Regionale Ontwikkeling, Onderwijs, Wetenschap en Cultuur, en Sociale Zaken en Volkshuisvesting zullen betrokken worden voor het uitvoeren van ontwikkelingsprojecten in de dorpen, omdat, zo vertelt de Minister, uit ervaring is gebleken dat het huidige systeem met een dorpskas en districtsfonds niet werkt. Daarmee zou een hele andere discussie gestart kunnen worden over de verschillen tussen ‘het brengen van ontwikkeling’ en het versterken van de gemeenschap ten behoeve van ontwikkeling vanuit hun perspectief.

Er wordt echter geen woord gerept over hoe scalians ook moeten bijdragen aan herstel van de milieuschade. Wat wel duidelijk is, is dat geen enkele bijdrage die de gouddelvers zullen doen aan ‘slands kas ooit de werkelijk toegebrachte schade zal kunnen dekken, noch zal kunnen leiden tot enige vorm van duurzame verbetering van de levensstandaard van de bewoners. Minister Dodson haalt terecht aan dat er ook lokale bewoners zijn die (veel) geld ontvangen voor de goudwinningsactiviteiten, maar per saldo blijft niet alleen het grootste deel van de in het gebied woonachtige bevolking de verliezer, maar wij allemaal, het milieu en ons land.  De misconceptie dat door gebruik van kwik te verbieden, de gevolgen van het mijnen voor milieu en de mens zijn geminimaliseerd, geeft blijk van een gebrek aan kennis bij het Ministerie of van moedwillig verdraaien en/of verbergen van de feiten voor de samenleving.

BINI

vrijdag 18 mei 2018

Visie op Schooltuinen


Zaterdag 12 en zondag 13 mei 2018 waren vertegenwoordigers van vijf scholen uit Para, Brokopondo en Marowijne bijeen voor de start van een reeks capacity building trainingen binnen het project ‘School gardens for education, environmental awareness & life skills’. Lees hier meer over dit weekend en de schenking van 2500 groenteplantjes van Selenasplanten N.V.

Het trainingsweekend bestond uit een theoretisch gedeelte, waarbij de deelnemers de ins en outs hebben geleerd over organisaties en management. Tevens was er een meer praktisch georienteerd deel, waarbij een aanvang gemaakt werd voor de planning en taakverdeling van de werkzaamheden rondom de schooltuinen.

Een aantal prikkelende stellingen zorgde voor interessante discussies. De stelling ‘Wie betaalt, bepaalt’ maakte verhalen los over donoren die onredelijke eisen stellen aan de ontvanger, veelal politiek ingegeven. De groep was wel collectief van mening dat ook wanneer je geld ontvangt, je niet stilletjes dankbaar hoeft te zijn, maar je als gemeenschap ook je input mag geven. Het gaat tenslotte om projectgelden die de ontwikkeling van de gemeenschap ten goede moeten komen. Voor de duurzaamheid van projectactiviteiten is van het belang dat deze zo breed mogelijk gedragen worden door die gemeenschap.

Door middel van groepsopdrachten werkten de deelnemers aan de voorbereiding voor het opzetten, opknappen of uitbreiden van de schooltuinen. Met name aan de Vision Exercise werd met groot enthousiasme gewerkt. Tijdens deze opdracht werd creatief uitgebeeld voor welke positieve veranderingen in de gemeenschap de schooltuin in 2030 heeft gezorgd. Deze visionaire manier van denken heeft velen nog meer gemotiveerd om hun schooltuin tot een succes te maken. 

Leerrijk en erg interessant; dit is hoe de aanwezigen de training hebben ervaren. “Elkaars mening moet je meenemen en je kunt leren van elkaar. Wat je niet wist, leer je van een ander.” Voor enkelen was het een moment van reflectie, omdat zij ook zijn gaan nadenken over hun ervaringen met organisaties en het managen van projecten in het verleden. Problemen rondom communicatie binnen organisaties leverden onderling veel herkenning op. Maar, zoals een deelnemer het verwoordde: “We moeten blijven communiceren met elkaar, zonder communicatie kom je nergens”.

Communicatie bleek ook tijdens de warming-up oefening 'de menselijke knoop'
van groot belang om uit de knoop te raken




dinsdag 15 mei 2018

Selenasplanten N.V. schenkt 2500 groentjesplantjes aan schooltuinen

Vertegenwoordigers van EBGS Balingsoela uit Brokopondo nemen de
symbolische schenking in ontvangst uit handen van Rouche Bink
van Selenasplanten N.V.
Het bedrijf Selenasplanten N.V. heeft groenteplantjes geschonken aan vijf scholen. Het gaat om een symbolische overhandiging in het kader van het ‘School gardens for education, environmental awareness & life skills- project’ (Schooltuinen voor onderwijs, milieubewustzijn en life skills) dat wordt uitgevoerd door Stichting Projekta. Dit project wordt gefinancierd door de Alcoa Foundation, waarvan op zaterdag 12 mei twee vertegenwoordigers getuige waren van de schenking en een deel van de training hebben bijgewoond.  

Vertegenwoordigers van de deelnemende scholen waren ook bijeen voor de start van een reeks capacity building trainingen. Projekta vindt het belangrijk dat de schooltuinen duurzaam worden beheerd. Hierdoor bestaat er een grotere kans van slagen en blijven de tuinen langer bestaan. 

Aan het project doen vijf scholen uit Marowijne, Brokopondo en Para mee. Een deel van deze scholen heeft al een tuin, maar wilt deze opknappen of uitbreiden. “Gedurende het project wordt een initiële schenking van 500 plantjes per school gedaan door Selenasplanten N.V van Willem A. Bink”, vertelt projectcoördinator Marcel Leune. De scholen geven aan wanneer de tuinen gereed zijn voor de aanplant om de schenking in ontvangst te nemen. Elke school bepaalt zelf hoe de tuin eruit zal zien. Zij zullen verder op eigen initiatief met de donor onderhandelen over eventuele schenkingen. 

De schooltuinen zijn niet slechts voor de scholen, maar dienen als middel voor ontwikkelingsmogelijkheden. Behalve leerkrachten, kunnen ook ondernemers en geïnteresseerde ouders deelnemen aan specifieke trainingen. Een daarvan is ecologisch tuinieren. Het hoofddoel van het project is om schoolprestaties te verbeteren. Dit wordt gedaan door onder andere een andere manier van les geven. Stichting Projekten Christelijk Onderwijs Suriname is aangetrokken om lesmateriaal te ontwikkelen voor vier vakgebieden op de scholen. Het gaat om Rekenen, Taal, Kunst & Cultuur en Orïentatie van jezelf op de wereld in de leerjaren zes en zeven. Leerlingen van de deelnemende scholen worden ook life skills, waaronder samenwerking en communicatie, aangeleerd door middel van de tuinen. 

Het project ‘Schooltuinen voor onderwijs, milieubewustzijn en life skills’ duurt van 1 januari tot en met 31 december 2018. 

Rouche Bink van Selenasplanten N.V. en Sharda Ganga van Projekta
na de ondertekening van de overeenkomst voor de schenking van
 ruim 2500 plantjes. Vertegenwoordigers van de deelnemende
scholen kijken toe

maandag 23 april 2018

Een schooltuin is niet alleen van de school, maar van de gemeenschap

"Een schooltuin die enkel de verantwoordelijkheid is van de school, is gedoemd te falen." Zo sprak Sharda Ganga, directeur van Projekta de aanwezigen toe.

Leerkrachten en gemeenschapsorganisatie
Palisadeweg (Para) bespreken beheersstructuur schooltuin
Op zaterdag 7 april jongstleden waren leerkrachten, schoolleiders, oudercommissieleden en vertegenwoordigers van gemeenschapsorganisaties uit Brokopondo, Marowijne en Para bij een voor een workshop om de opzet en het beheer van schooltuinen in hun gemeenschap te bespreken. In totaal zullen er binnen het door ALCOA Foundation gefinancierde project ‘Schooltuinen voor onderwijs, ondernemerschap en life skills’ vijf schooltuinen in Para, Brokopondo en Marowijne worden opgezet, uitgebreid en/of gerenoveerd. Projekta is de uitvoerder van dit project.

Het duurzaam beheren van schooltuinen blijkt een groot probleem te zijn, daarom wordt binnen dit project vanaf het begin veel aandacht besteed aan het opzetten van een zgn. ’beheerstructuur’ voor elke tuin, die ervoor moet zorgen dat ook na afloop van het project de tuin blijft bloeien.
Workshop tuinontwerp
In groepsverband werd per school onder andere overwogen welke mensen in de omgeving van de school aanvullend betrokken kunnen worden bij de opzet en het onderhoud van de tuinen. Het “Schooltuinenproject” is in januari 2018 gestart en loopt tot het eind van het jaar. Gedurende deze maanden worden onder andere tuinen opgezet en groepen getraind in ecologisch tuinieren. Verder worden er leerkrachten getraind en gemotiveerd om lesplannen te gebruiken die speciaal zijn ontwikkeld om specifieke vakken als rekenen en taal te koppelen aan de schooltuinen.

De schooltuinen hebben ook een functie in de leefgemeenschappen van Brokopondo, Marowijne en Para. In deze districten planten velen op kostgrondjes en de kinderen helpen daarbij. De kennis van de principes van ecologisch tuinieren, waarbij de werking van de natuur zoveel mogelijk benaderd wordt, ontbreekt echter meestal. Leerkrachten, ondernemers en andere geïnteresseerden in de gemeenschap zullen binnen dit project worden getraind en begeleid in het verkrijgen van inzicht in deze principes welke dan worden doorgegeven aan de leerlingen.

IICA en trainers tuinieren
Ecologisch tuinieren is een alternatief op het tuinieren met gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen en kunstmest, omdat het een stabiel ecologisch milieu creëert voor de gewassen. De wisselwerking tussen dieren en planten in dit ecologisch milieu versterkt de weerstand van de aanplant. Alex Yakaumo, een permacultuurdeskundige, ging met de aanwezigen na welke gewassen al geteeld worden op hun school en wat de behoefte was aan uitbreiding van de huidige aanplant. Over enkele weken zal hij ook de bodemgesteldheid van de scholen nagaan, samen met de lokale mensen. Bij EBGS Balingsoela planten enkele leerkrachten met hun leerlingen nabij hun woningen. Op OS Zinkkampoe doet de school al aan kassenteelt. 

Het is een vereiste in het project dat de schooltuinen realistisch worden opgezet en zelfredzaam zijn. Om die reden is de opzet klein bij scholen die pas starten met planten en wordt uitbreiding van oudere schooltuinen slechts toegestaan indien de school op lange termijn kan betalen voor het onderhoud en continuering. Alle aanwezige scholen zijn van plan verkoopmarkten te houden met de overschotten aan landbouwproducten om te voorzien in de benodigde gelden voor het duurzaam beheren van de tuinen.

Schoolleiders St. Angeline te Tamarin (Marowijne)
presenteren tuinontwerp
De uitdagingen voor de schooltuinen beperken zich niet tot financiering en het beheer. OS Bambi bijvoorbeeld gaf aan dat de school ligt in een volksbuurt, waarin buurtbewoners in het verleden zonder toestemming “hielpen” oogsten- de lege bedden werkten uiteraard demotiverend voor de leerlingen die letterlijk de vruchten van hun arbeid niet konden plukken. Om die reden kiest deze school voor een gesloten kassenteelt met toezicht van een wachter. Op andere scholen zal dit probleem aangepakt worden door ouders van de leerlingen te betrekken bij de sociale controle van de teelt. Op termijn hopen alle scholen in staat te zijn open, veilige moestuinen te opereren die draagvlak genieten van de woonomgeving.

Sommige scholen gaan nog verder in hun ambitie. Zo is het idee van de schooltuin van de St. Angelineschool te Tamarin in eerste instantie ontstaan om minder draagkrachtige leerlingen een paar keer per week te kunnen voorzien van een voedzame maaltijd. De school is voornemens regelmatig te koken voor deze leerlingen om hun eenzijdige menu aan te vullen. Op andere scholen dient de moestuin naast inkomstenbron, als aanschouwelijk materiaal bij themadagen over een gezond milieu en tevens als locatie voor het volgen van lessen.
OS Zinkkampoe (Marowijne)
Het overeenkomstig voordeel voor alle betrokken scholen is dat de scholen in de toekomst een kenniscentrum kunnen worden waar ondernemers en landbouwers uit het gebied agrarische trainingen kunnen volgen. Een eerste aanzet voor die trainingen valt ook binnen dit project. De trainingen dienen versterkend te werken voor wat betreft werkgelegenheid en voedselzekerheid in deze gebieden. Zo kan een schooltuin een kenniscentrum worden voor een gemeenschap.

maandag 9 april 2018

Gezondheidszorg voor iedereen, overal

Op 7 april was het Wereldgezondheidsdag, welke jaarlijks door de Wereldgezondheidsorganisatie (World Health Organization, WHO) gehouden wordt. Tevens werd op deze dag het 70-jarig bestaan van de organisatie herdacht. In Suriname organiseerde de regionale gezondheidsorganisatie Pan American Health Organization (PAHO) op vrijdag 6 april een nationaal debat.

Sharda Ganga, directeur van Projekta, hield een inleiding, waarbij zij de nadruk legde op het universele recht op gezondheidszorg, voor iedereen, overal. Gelijke toegang is gebaseerd op het principe van solidariteit en het uitbannen van ongelijke toegang moet onze prioriteit hebben.

De problemen met het gebrek aan transparantie en accountability zijn ook in de gezondheidszorg groot. Ganga vroeg aandacht vroeg voor de driedubbele rol van civil society: zij zijn zowel dienstverleners, als pleitbezorgers (advocates) voor rechtvaardig beleid en wetgeving, als een watch dog. In deze laatste rol ligt voor civil society organisaties de taak om de regering, maar ook bijvoorbeeld ziekenhuizen en verzekeringsmaatschappijen te controlen op de uitvoering van hun taken en verantwoordelijkheden.

Kort samengevat is een participatieve benadering is hetgeen we dringend nodig hebben, waarbij structurele dialoog en investeringen in civil society om haar driedubbele rol te kunnen uitvoeren van essentieel belang zijn.

Lees de gehele inleiding (in het Engels) hieronder.

Universal Health Coverage, everyone, everywhere

World health day dialogue- PAHO-Suriname, 6 april 2018, Ballroom Torarica

Here is an almost universal truth: when you are healthy, you don’t think about health care. It is when you loose the battle against a tiny mosquito and suddenly find yourself fighting for your life in a broken down hospital bed, and have to deal with toilets with no running water, that you realize: thank god I just started a job that covers my insurance. That was almost 20 years ago, and the first time I realized not just the importance of health coverage, but also how health care is the most important indicator of inequality.

Because after 3 days of utter misery in the third class ward, I was moved, by the grace of friends, to the second class- which was pure heaven in comparison. I felt a bit guilty that I was so happy to leave my fellow 3rd class patients behind, and embarrassed at how easily I forgot that one aspect that underlies the idea and the practice of universal health care: solidarity.

Last year I was again confronted with how unjust access to health care is- when a close relative was able to receive world class treatment outside of Suriname, simply because of the generosity of employers. Isn’t that the most offensive idea: that your right to live and the quality of care you can access, depends on your choice of job, and your socio economic circumstances.

Health care must be framed as a universal right, it’s access based on the principle of solidarity, and eradicating inequal access must be our priority.

It does come at a steep price, but are we sure that the price we are paying is the real price or are we paying way too much, and what are we actually paying for? Access to health care has been used as a political tool for too many years, for example- and we are still paying the price for the culture of garnering votes through distribution of ‘datra karta’, in the worst case using public service jobs as a gateway to the ‘datra karta’.

Non transparency, a lack of accountability, horrendous management and business practices, lack of checks and balances- the whole plethora of bad governance practices: they come at a steep price.

So this is one of the roles that civil society must take up, and wants to take up: holding duty bearers accountable. But civil society has more roles to play- what we call the triple role:

The first role is as Service providers- as through the Medical Mission, Stichting Lobi, the Diabetes Education One Stop Shops, and countless others, delivering essential services and creating public awareness. That is the role that governments and international organisations are comfortable with us playing, and would like to see us performing- how do I know that? Because that is usually the only type of program that they are willing to fund. And even then, they have us jump through hoops.

But civil society also has a role as Advocates-for citizens, healthy or not. We see a greater understanding of this role emerging- through for example, the Alzheimers Foundation, and Stichting Wiesje, who are now starting to understand that they need to move beyond service provision and need to advocate for legislation and policy change in order to have sustainable results that will truly benefit their constituents.

We do need to hear more from the citizens, the rights holders. For example, in the health care debate we witnessed the past months, we only heard governments and service providers- doctors, hospitals etc-, fighting over money. What we missed is that third voice- of citizens advocating for and demanding affordable, effective and efficient services, and having a say in how to achieve that.

The third role of civil society I already mentioned- the watch dog role, to hold all duty bearers accountable, not just the government, but also the insurance companies, the international organisations, the hospitals, the Vereniging van Medici, all health professionals, and service providers.

The other side of accountability is voice- you can only demand accountability if your voice is strong enough to be heard. Civil society must empower citizens to use their voice to claim their rights to access, and quality of care. But empowerment only makes sense if there are mechanisms in place for protection, so that you can dare claim your right and hold duty bearers accountable, without the fear that it would anger your doctor, or your insurance company to the point that your claim for your rights puts your health in jeopardy.

So ultimately, civil society must hold governments and partners, all duty bearers accountable, and empower citizens to claim their rights. But duty bearers need to ensure that citizens’ voices are heard, so that health systems are responsive to people’s needs.

In short: we need a more participatory approach, with structured dialogue, and investment in civil society’s capacity to undertake that triple role, not just as service providers.

Sharda Ganga
PROJEKTA &
Burgerinitiatief voor Participatie en Goed Bestuur (BINI)

woensdag 14 maart 2018

Afsluiting trainingen PCM en L&A

Zaterdag 10 maart vond de afsluiting plaats van de trainingstrajecten Project Cycle Management (PCM) en Lobby en Advocacy (L&A) welke PROJEKTA vezorgde in opdracht van het Kansfonds.

De trainingen duurden van oktober 2017 tot en met februari 2018. Het Kansfonds beëindigt in 2018 haar betrokkenheid bij projecten in Suriname, maar wilde nog een capaciteitsversterkingstraject aanbieden aan partnerorganisaties; deze twee trainingen waren daar deel van. Vanwege haar ervaring met trainingen in deze, benaderde de Pater Ahlbrinck Stichting (de lokale coördinator van het Kansfonds) Projekta voor het ontwerpen en verzorgen van de trainingen.

Christine Samson, voorzitter van de LAKS (Landelijke Adviescommissie Kansfond Suriname) benadrukte bij de opening het belang van de trainingen gegeven door Projekta, zeker ten tijde van deze economische crisis, beperkte donoren en vertrekkende fondsen. Bovendien is zij trots dat er zoveel organisaties gehoor hebben gegeven aan de oproep voor capaciteitsversterking.

Christine Samson, voorzitter van de Landelijke Adviescommissie
Kansfond Suriname, spreekt te aanwezigen toe
Aan de PCM training namen 32 deelnemers van 15 organisaties deel uit diverse districten, van Nickerie tot Sipaliwini. De trainingen combineerden klassikale sessies met doorlopende begeleiding van de deelnemers in het samenstellen van een projectaanvraag. Er zijn gedurende het trainings- en begeleidingstraject een aantal volwaardige projectaanvragen ontwikkeld, onder andere voor het bevorderen van gezonde voeding bij EBG-scholieren, onderzoek naar tweevingerige luiaards, het promoten van schaken bij het verbeteren van schoolprestaties van GLO-leerlingen in Brokopondo en diabetespreventie onder jongeren in Saramacca.

Deelnemer Maverick Boejoekoe van Youth Education
and Leadership Foundation presenteert projectdossier
Aan de Lobby en Advocacy training namen 27 deelnemers van 14 organisties deel. Ook deze training leverde een aantal eindproducten op, zoals advocacy key messages en speeches, en lobby- en advocacy-plannen, voor onder andere thuiszorg voor seniore burgers in Brokopondo, huisvesting voor mensen met een beperking, een Nationaal Plan van Aanpak tegen Dementie, en gerichte opleidingen voor leerkrachten voor het speciaal onderwijs.

Deelnemers Nancy Boldewijn en Kristine Luckham van de
Alzheimer Stichting houden hun speech
Bij de certificaatuitreiking presenteerde een deel van de organisaties hun projectdossiers en advocacy-plannen. De advocacy-cursisten moesten daarnaast hun speech aan het publiek voorhouden, een oefening voor “het echte werk”, voor als zij de kans krijgen hun issue te presenteren voor bijvoorbeeld een Minister of in de Nationale Assemblee.

One-pager Stichting Woonzorg Wiesje
Het publiek kreeg ook twee zogeheten one-pagers uitgereikt. Op dit informatieblad staat in het kort uitgelegd wat het probleem is waar aandacht voor wordt gevraagd en welke actie er dringend genomen moet worden om het probleem aan te pakken. De one-pagers van de Medische Zending Primary Health Care Suriname, waarin zij aandacht vragen voor de noodzaak van een doorgangshuis voor zwangere vrouwen in het binnenland, en die van Stichting Woonzorg Wiesje waarin aandacht gevraagd wordt voor inrichting van het nieuwe hoofdgebouw, zijn via deze link te lezen.

Ter afsluiting sprak Kristine Luckham van de Stichting Alzheimer en overige Dementieën in Suriname (SAODS) namens alle deelnemers haar dank uit naar het Kansfonds en Projekta. Niet alleen de training, maar ook de een-op-een begeleiding werd enorm gewaardeerd. Dat Projekta zich met passie heeft ingezet om de vaardigheden van de deelnemers en de kwaliteit van de projectdossiers en L&A-plannen naar een hoger niveau te tillen, betekende dat de deenemers flink door moetsen werken om hun huiswerk naar behoren te maken, maar deze betrokkenheid werd tegelijkertijd erg op prijs gesteld. 
De directeur van Projekta, Sharda Ganga, gaf aan dat het ook voor hen een intensief traject is geweest, maar dat het voor Projekta een genoegen was om met zoveel enthousiaste deelnemers te werken waarvan de meerderheid, ondanks de intensieve begeleiding, niet opgegeven heeft.

Een voorbeeld hiervan was het Blindencentrum (Nationale Stichting voor Blinden en Slechtzienden in Suriname, NSBS) tijdens de Lobby en Advocacy training. “De eerste dag van de training ging het helemaal niet, ze waren de wanhoop nabij en ik was streng. Je ziet dat mensen vaak opgeven, maar zij kwamen de volgende dag en hun speech was de beste! Ik vroeg: wat is er gebeurd? En ze vertelde dat ze niet hadden geslapen en de hele avond hebben zitten appen om eraan te werken. Zij geven niet op”. Ganga noemde hen een voorbeeld van doorzettingsvermogen. 

Kijk ook op onze Facebook-pagina voor een impressie en foto's van de trainingen.